Terug naar het Europarl-portaal

Choisissez la langue de votre document :

TWEEDE VERSLAG     ***I
PDF 83kWORD 132k
24 oktober 2001
PE 302.300 A5-0374/2001
over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende de verwerking van persoonsgegevens en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer in de sector elektronische communicatie
(COM(2000) 385 – C5-0439/2000 – 2000/0189(COD))
Commissie vrijheden en rechten van de burger, justitie en binnenlandse zaken
Rapporteur: Marco Cappato
PROCEDUREVERLOOP
 WETGEVINGSVOORSTEL
 ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE

PROCEDUREVERLOOP

Bij schrijven van 25 augustus 2000 diende de Commissie, overeenkomstig artikel 251, lid 2 en artikel 95 van het EG-Verdrag, bij het Parlement het voorstel in voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende de verwerking van persoonsgegevens en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer in de sector elektronische communicatie (COM(2000) 385 – 2000/0189(COD)).

Op 8 september 2000 gaf de Voorzitter van het Parlement kennis van de verwijzing van dit voorstel naar de Commissie vrijheden en rechten van de burger, justitie en binnenlandse zaken als commissie ten principale en naar de Begrotingscommissie, de Commissie juridische zaken en interne markt, de Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie en de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en consumentenbeleid als medeadviserende commissies (C5-0439/2000).

Op 6 oktober 2000 deelde de Voorzitter van het Parlement mede dat de Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie, aangewezen als medeadviserende commissie, betrokken wordt bij de opstelling van het verslag, overeenkomstig de procedure-Hughes.

De Commissie vrijheden en rechten van de burger, justitie en binnenlandse zaken benoemde op haar vergadering van 29 augustus 2000 Marco Cappato tot rapporteur.

De commissie behandelde het Commissievoorstel en het ontwerpverslag op haar vergaderingen van 4 december 2000 en 19 juni en 11 juli 2001.

Op laatstgenoemde vergadering hechtte zij met 22 stemmen voor en 12 tegen bij 5 onthoudingen haar goedkeuring aan de ontwerpwetgevingsresolutie.

Bij de stemming waren aanwezig: Graham R. Watson (voorzitter), Robert J.E. Evans en Enrico Ferri (ondervoorzitters), Marco Cappato (rapporteur), Michael Cashman, Charlotte Cederschiöld, Carmen Cerdeira Morterero (verving Gerhard Schmid), Ozan Ceyhun, Thierry Cornillet, Gérard M.J. Deprez, Giuseppe Di Lello Finuoli, Adeline Hazan, Jorge Salvador Hernández Mollar, Anna Karamanou, Sylvia-Yvonne Kaufmann (verving Pernille Frahm), Margot Keßler, Timothy Kirkhope, Eva Klamt, Alain Krivine (verving Fodé Sylla), Klaus-Heiner Lehne (verving Mary Elizabeth Banotti), Luís Marinho (verving Sérgio Sousa Pinto), Iñigo Méndez de Vigo (verving Daniel J. Hannan), Hartmut Nassauer, Arie M. Oostlander (verving Carlos Coelho), Elena Ornella Paciotti, Paolo Pastorelli, Hubert Pirker, Martine Roure (verving Martin Schulz), Amalia Sartori (verving Marcello Dell'Utri), Ingo Schmitt (verving Bernd Posselt), Ilka Schröder (verving Alima Boumediene-Thiery), Patsy Sörensen, Joke Swiebel, Anna Terrón i Cusí, Astrid Thors (verving Barones Sarah Ludford), Maurizio Turco (verving Frank Vanhecke), Gianni Vattimo, Christian Ulrik von Boetticher en Jan-Kees Wiebenga.

De adviezen van de Commissie juridische zaken en interne markt, de Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie en de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en consumentenbeleid waren bij dit verslag gevoegd; de Begrotingscommissie besloot op 14 september 2000 geen advies uit te brengen.

Het verslag was ingediend op 13 juli 2001 (A5-0270/2001).

Op 6 september 2001 werd de aangelegenheid overeenkomstig artikel 68, lid 3 van het Reglement terugverwezen.

Op haar vergaderingen van 10 oktober en 22 oktober 2001 behandelde zij het ontwerp van tweede verslag.

Op laatstgenoemde vergadering hechtte zij met 23 stemmen voor en 14 tegen haar goedkeuring aan de ontwerpwetgevingsresolutie.

Bij de stemming waren aanwezig: Graham R. Watson (voorzitter), Robert J.E. Evans en Bernd Posselt (ondervoorzitters), Marco Cappato (rapporteur), Alima Boumediene-Thiery, Michael Cashman, Charlotte Cederschiöld, Carmen Cerdeira Morterero (verving Ozan Ceyhun), Carlos Coelho, Thierry Cornillet, Gérard M.J. Deprez, Giuseppe Di Lello Finuoli, Francesco Fiori (verving Enrico Ferri overeenkomstig artikel 153, lid 2 van het Reglement), Pernille Frahm, Evelyne Gebhardt (verving Adeline Hazan), Daniel J. Hannan, Jorge Salvador Hernández Mollar, Anna Karamanou, Margot Keßler, Timothy Kirkhope, Eva Klamt, Baroness Sarah Ludford, Lucio Manisco (verving Fodé Sylla), Luís Marinho (verving Gerhard Schmid), Juan Andrés Naranjo Escobar (verving Mary Elizabeth Banotti), Arie M. Oostlander (verving Marcello Dell'Utri), Elena Ornella Paciotti, Paolo Pastorelli, Martine Roure (verving Joke Swiebel), Agnes Schierhuber (verving Hubert Pirker overeenkomstig artikel 153, lid 2 van het Reglement), Patsy Sörensen, Anna Terrón i Cusí, Astrid Thors (verving Bertel Haarder overeenkomstig artikel 153, lid 2 van het Reglement), Maurizio Turco (verving Frank Vanhecke), Anne E.M. Van Lancker (verving Martin Schulz), Gianni Vattimo en Christian Ulrik von Boetticher.

Het tweede verslag werd ingediend op 24 oktober 2001.

De termijn voor de indiening van amendementen wordt bekendgemaakt in de ontwerpagenda voor de vergaderperiode waarin het verslag wordt behandeld.


WETGEVINGSVOORSTEL

Voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende de verwerking van persoonsgegevens en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer in de sector elektronische communicatie (COM(2000) 385 – C5-0439/2000 – 2000/0189(COD))

Dit voorstel wordt als volgt gewijzigd:

Door de Commissie voorgestelde tekst(1)   Amendementen van het Parlement
Amendement 1
Overweging 4 bis (nieuw)
 

(4 bis)    Artikelen 7 en 8 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, dat op 7 december 2000 in Nice is afgekondigd, beogen de eerbiediging van privé-leven en communicatie, met inbegrip van persoonsgegevens,

Motivering

Deze verwijzing is noodzakelijk aangezien de bescherming van gegevens expliciet is opgenomen in het Handvest van de Fundamentele Rechtenn. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen.

Amendement 2
Overweging 5 bis (nieuw)
 

(5 bis)    Informatie die deel uitmaakt van een omroepdienst die wordt verstrekt via een netwerk voor openbare communicatie is bedoeld voor een potentieel onbeperkt publiek en wordt niet beschouwd als communicatie in de zin van deze richtlijn. In gevallen echter waarin de individuele abonnee of gebruiker die dergelijke informatie ontvangt kan worden geïdentificeerd, bijvoorbeeld bij video-on-demand-diensten, wordt de doorgegeven informatie wel als communicatie beschouwd en valt zij onder het toepassingsterrein van deze richtlijn.

Motivering

Dankzij bovenstaand amendement wordt het standpunt over on-demand-diensten verduidelijkt. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen.

Amendement 3
Overweging 8

(8)   De lidstaten, de betrokken aanbieders en gebruikers alsmede de bevoegde communautaire instanties zouden moeten samenwerken bij de introductie en ontwikkeling van de benodigde technieken waar zulks noodzakelijk is met het oog op de waarborgen die door deze richtlijn worden geboden, daarbij met name rekening houdend met de doelstelling de verwerking van persoonsgegevens zoveel mogelijk te beperken en waar mogelijk gebruik te maken van anonieme of onder pseudoniem opgeslagen gegevens.

(8)   De lidstaten, de betrokken aanbieders en gebruikers alsmede de bevoegde communautaire instanties zouden moeten waarborgen dat de verwerking van persoonsgegevens tot een minimum wordt beperkt en waar mogelijk gebruik wordt gemaakt van anonieme of onder pseudoniem opgeslagen gegevens, en moeten samenwerken bij de introductie en ontwikkeling van de benodigde technieken waar zulks noodzakelijk is met het oog op de waarborgen die door deze richtlijn worden geboden.

Motivering

Met deze formulering wordt benadrukt dat de bescherming van persoonsgegevens prioriteit moet hebben, en wordt de tamelijk vage formulering in het voorstel van de Commissie verduidelijkt. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen.

Amendement 4
Overweging 10

(10)   Deze richtlijn is evenals Richtlijn 95/46/EG niet van toepassing op vraagstukken met betrekking tot de bescherming van fundamentele rechten en vrijheden in verband met niet onder het Gemeenschapsrecht vallende activiteiten. Het is de taak van de lidstaten alle maatregelen te nemen die nodig zijn voor de openbare veiligheid, defensie, staatsveiligheid (met inbegrip van het economisch welzijn van de staat wanneer de activiteit verband houdt met de staatsveiligheid) en de wetshandhaving op strafrechtelijk gebied. Deze richtlijn doet geen afbreuk aan de mogelijkheid voor de lidstaten om wettelijk toegestane interceptie van elektronische communicatie uit te voeren wanneer dit nodig is voor een van deze doeleinden.

(10)   Deze richtlijn is evenals Richtlijn 95/46/EG van toepassing op vraagstukken met betrekking tot de bescherming van fundamentele rechten en vrijheden in verband met onder het Gemeenschapsrecht vallende activiteiten. Bij het nemen van maatregelen die nodig zijn voor de openbare veiligheid, defensie, staatsveiligheid of de wetshandhaving op strafrechtelijk gebied en bij de uitvoering van wettelijk toegestane interceptie van elektronische communicatie voor een van deze doeleinden, dienen de lidstaten te handelen op basis van een voor het publiek begrijpelijke bijzondere wet en moeten de maatregelen in het kader van een democratische samenleving een volkomen uitzonderlijk karakter hebben, zijn toegestaan door gerechtelijke of andere bevoegde autoriteiten voor afzonderlijke gevallen en voor bepaalde tijd, en redelijk, proportioneel en noodzakelijk zijn. Overeenkomstig het Europees Verdrag inzake de rechten van de mens en de arresten van het Europees Hof voor de rechten van de mens is elke vorm van proefsgewijze of grootschalige algemene elektronische controle verboden.

Motivering

Met deze formulering wordt de noodzaak onderstreept van de eerbiediging van de grondrechten op het gebied van gegevensbescherming, overeenkomstig de Europese jurisprudentie. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen.

Amendement 5
Overweging 13

(13)   De aanbieders van diensten moeten de nodige maatregelen treffen om de beveiliging van hun diensten te garanderen, indien nodig samen met de aanbieder van het netwerk, en moeten de abonnees informeren over eventuele bijzondere risico's inzake het doorbreken van de beveiliging van het netwerk. Dergelijke risico's kunnen zich met name voordoen bij elektronische communicatiediensten over een open netwerk zoals het Internet. Het is bijzonder belangrijk voor abonnees en gebruikers van dergelijke diensten om door hun dienstenaanbieder volledig op de hoogte te worden gebracht van bestaande veiligheidsrisico's die van dien aard zijn dat de dienstenaanbieder deze zelf niet kan verhelpen. Dienstenaanbieders die algemeen beschikbare elektronische communicatiediensten over het Internet aanbieden, moeten gebruikers en abonnees op de hoogte brengen van de maatregelen die zij kunnen treffen om de veiligheid van hun communicatie te beschermen, bijvoorbeeld door gebruik te maken van specifieke soorten software of encryptietechnologieën. De beveiliging wordt beoordeeld in het licht van artikel 17 van richtlijn 95/46/EG.

(13)   De aanbieders van diensten moeten de nodige maatregelen treffen om de beveiliging van hun diensten te garanderen, indien nodig samen met de aanbieder van het netwerk, en moeten de abonnees informeren over eventuele bijzondere risico's inzake het doorbreken van de beveiliging van het netwerk. Dergelijke risico's kunnen zich met name voordoen bij elektronische communicatiediensten over een open netwerk zoals het Internet of de mobiele telefonie. Het is bijzonder belangrijk voor abonnees en gebruikers van dergelijke diensten om door hun dienstenaanbieder volledig op de hoogte te worden gebracht van bestaande veiligheidsrisico's die van dien aard zijn dat de dienstenaanbieder deze zelf niet kan verhelpen. De dienstenaanbieder is verplicht de abonnee te informeren over het soort verkeersgegevens dat wordt verwerkt, alsmede over het recht om deze verwerking te weigeren. Dienstenaanbieders die algemeen beschikbare elektronische communicatiediensten over het Internet aanbieden, moeten gebruikers en abonnees op de hoogte brengen van de maatregelen die zij kunnen treffen om de veiligheid van hun communicatie te beschermen, bijvoorbeeld door gebruik te maken van specifieke soorten software of encryptietechnologieën. De beveiliging wordt beoordeeld in het licht van artikel 17 van Richtlijn 95/46/EG. De eis abonnees op de hoogte te stellen van bijzondere veiligheidsrisico's ontslaat een dienstenaanbieder niet van de verplichting om op eigen kosten passende en onmiddellijke maatregelen te nemen om te reageren op eventuele nieuwe onvoorziene veiligheidsrisico's en het normale veiligheidsniveau van de dienst te herstellen. Het verstrekken van informatie over veiligheidsrisico's aan de abonnee moet gratis gebeuren, afgezien van eventuele nominale kosten die voor de abonnee kunnen ontstaan bij het ontvangen of verzamelen van de informatie, bijvoorbeeld door het downloaden van een elektronisch mailbericht.

Motivering

Het is noodzakelijk ook de mobiele telefonie te vermelden in de ontwerprichtlijn, evenals de rechten van de gebruiker. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen.

Amendement 6
Overweging 14

(14)   Er moeten maatregelen worden getroffen om onbevoegde toegang tot communicatie te verhinderen, teneinde het vertrouwelijk karakter van communicatie via openbare communicatienetwerken en algemeen beschikbare elektronische communicatiediensten te beschermen, zowel ten aanzien van de inhoud zelf als van gegevens over die communicatie. De nationale wetgeving van sommige lidstaten stelt uitsluitend opzettelijke onbevoegde toegang tot communicatie strafbaar.

(14)   Er moeten maatregelen worden getroffen om onbevoegde toegang tot communicatie te verhinderen, teneinde het vertrouwelijk karakter van communicatie via openbare communicatienetwerken en algemeen beschikbare elektronische communicatiediensten te beschermen, zowel ten aanzien van de inhoud zelf als van gegevens over die communicatie. Deze maatregelen moeten de gebruikmaking omvatten van hoogwaardige instrumenten voor cryptografie en het anoniem en onder pseudoniem opslaan van gegevens.

Motivering

Doeltreffende bescherming mag niet alleen afhangen van wettelijke maatregelen, welk bereik deze maatregelen ook hebben. De algemene beschikbaarheid van adequate instrumenten moet gewaarborgd zijn. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen.

Amendement 7
Overweging 15

(15)   De gegevens over abonnees die in elektronische communicatienetwerken worden verwerkt om verbindingen tot stand te brengen en informatie over te dragen, bevatten informatie over het privé-leven van natuurlijke personen, die recht hebben op respect voor hun correspondentie. Ook de rechtmatige belangen van rechtspersonen moeten worden beschermd. Dergelijke gegevens mogen slechts worden opgeslagen voorzover dat nodig is voor het leveren van de dienst, voor facturering en voor interconnectiebetalingen, en slechts gedurende een beperkte tijd. Elke verdere verwerking van dergelijke gegevens die de aanbieder van de algemeen beschikbare elektronische communicatiedienst zou willen verrichten ten behoeve van de marketing van zijn eigen elektronische communicatiediensten of voor de levering van diensten met toegevoegde waarde, is slechts toegestaan indien de abonnee daarmee heeft ingestemd op basis van precieze en volledige informatie van de aanbieder van de algemeen beschikbare elektronische communicatiedienst over de door hem geplande verdere verwerking van de gegevens en over het recht van de abonnee een dergelijke verwerking niet toe te staan of de toestemming daartoe in te trekken. Verkeersgegevens die worden gebruikt voor de marketing van eigen communicatiediensten of voor de levering van diensten met toegevoegde waarde moeten ook worden gewist of anoniem gemaakt na de levering van de dienst. Dienstenaanbieders moeten hun abonnees altijd op de hoogte brengen van de soorten gegevens die zij verwerken, waarvoor zij dat doen en hoelang dat wordt gedaan.

(15)   De gegevens over abonnees die in elektronische communicatienetwerken worden verwerkt om verbindingen tot stand te brengen en informatie over te dragen, bevatten informatie over het privé-leven van natuurlijke personen, die recht hebben op respect voor hun correspondentie. Ook de rechtmatige belangen van rechtspersonen moeten worden beschermd. Dergelijke gegevens mogen slechts worden opgeslagen voorzover dat nodig is voor het leveren van de dienst, voor facturering en voor interconnectiebetalingen, en slechts gedurende een beperkte tijd. Elke verdere verwerking van dergelijke gegevens die de aanbieder van de algemeen beschikbare elektronische communicatiedienst zou willen verrichten ten behoeve van de marketing van elektronische communicatiediensten of voor de levering van diensten met toegevoegde waarde, is slechts toegestaan indien de abonnee daarmee heeft ingestemd op basis van precieze en volledige informatie van de aanbieder van de algemeen beschikbare elektronische communicatiedienst over de door hem geplande verdere verwerking van de gegevens en over het recht van de abonnee een dergelijke verwerking niet toe te staan of de toestemming daartoe in te trekken. Verkeersgegevens die worden gebruikt voor de marketing van communicatiediensten of voor de levering van diensten met toegevoegde waarde moeten ook worden gewist of anoniem gemaakt na de levering van de dienst. Dienstenaanbieders moeten hun abonnees altijd op de hoogte brengen van de soorten gegevens die zij verwerken, waarvoor zij dat doen en hoelang dat wordt gedaan. Diensten met toegevoegde waarde kunnen bijvoorbeeld bestaan uit advies over de goedkoopste tariefpakketten, routeaanwijzingen, verkeersinformatie, weersvoorspellingen en toeristische informatie.

Motivering

Dit amendement neemt zoveel mogelijk de tekst over die de werkgroep van de Raad informeel heeft opgesteld om goedkeuring van de richtlijn in eerste lezing te bevorderen. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen.

Amendement 8
Overweging 15 bis (nieuw)
 

(15 bis)    Voor de toepassing van deze richtlijn heeft de toestemming van een gebruiker of abonnee, los van de vraag of laatstgenoemde een natuurlijk persoon of een rechtspersoon is, dezelfde betekenis als de toestemming van de betrokkene over wie gegevens worden verzameld in de zin van Richtlijn 95/46/EG.

Motivering

Dit amendement neemt zoveel mogelijk de tekst over die de werkgroep van de Raad informeel heeft opgesteld om goedkeuring van de richtlijn in eerste lezing te bevorderen. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen.

Amendement 9
Overweging 15 ter (nieuw)
 

(15 ter)    Het verbod op de opslag van communicatie en de daaraan gerelateerde verkeersgegevens door anderen dan gebruikers of zonder hun toestemming houdt geen verbod in op eventuele automatische, tussentijdse en tijdelijke opslag van deze informatie, voorzover dit gebeurt met als enig doel de doorgifte in het elektronische communicatienetwerk uit te voeren en op voorwaarde dat de informatie niet wordt opgeslagen voor een langere periode dan noodzakelijk is voor de doorgifte en voor verkeersmanagementdoeleinden, en mits gedurende de periode van opslag de vertrouwelijkheid gewaarborgd blijft. Waar dit noodzakelijk is om de doorgifte van enige openbaar toegankelijke informatie aan andere ontvangers van de dienst op hun verzoek doeltreffender te maken, mag deze richtlijn niet beletten dat dergelijke informatie verder wordt opgeslagen, op voorwaarde dat deze informatie in ieder geval zonder beperkingen toegankelijk is voor het publiek en dat eventuele gegevens die refereren aan de individuele abonnees of gebruikers die dergelijke informatie aanvragen, worden gewist.

Motivering

Dit amendement neemt zoveel mogelijk de tekst over die de werkgroep van de Raad informeel heeft opgesteld om goedkeuring van de richtlijn in eerste lezing te bevorderen. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen.

Amendement 10
Overweging 15 quater (nieuw)
 

(15 quater)    De vertrouwelijkheid van communicatie moet ook worden gewaarborgd in de loop van de legale ondernemingspraktijk. Waar dat noodzakelijk en wettelijk toegestaan is, mag communicatie worden vastgelegd met het doel bewijsmateriaal voor een commerciële transactie te verzamelen. Richtlijn 95/46/EG heeft op een dergelijke handelwijze betrekking. De partijen tussen wie de communicatie plaatsvindt, moeten voor de opname op de hoogte worden gesteld van het feit dat de opname wordt gemaakt, het doel ervan en de duur van opslag. De opgenomen communicatie moet zo snel mogelijk worden gewist, in elk geval uiterlijk aan het einde van de periode gedurende welke de transactie op wettelijke gronden kan worden betwist.

Motivering

Dit amendement neemt zoveel mogelijk de tekst over die de werkgroep van de Raad informeel heeft opgesteld om goedkeuring van de richtlijn in eerste lezing te bevorderen. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen.

Amendement 11
Overweging 16

(16)   De invoering van gespecificeerde facturen biedt de abonnees betere mogelijkheden om de juistheid van de door de dienstenaanbieder aangerekende bedragen te toetsen, maar kan tegelijkertijd ook een bedreiging vormen voor de persoonlijke levenssfeer van de gebruikers van algemeen beschikbare elektronische communicatiediensten. De lidstaten zouden derhalve met het oog op de vrijwaring van de persoonlijke levenssfeer van de gebruikers de ontwikkeling moeten aanmoedigen van elektronische communicatiediensten waaraan opties zijn gekoppeld zoals alternatieve betalingsfaciliteiten die anonieme of strikt persoonlijke toegang tot algemeen beschikbare elektronische communicatiediensten waarborgen, bijvoorbeeld telefoonkaarten en mogelijkheden tot betaling met kredietkaarten.

(16)   De invoering van gespecificeerde facturen biedt de abonnees betere mogelijkheden om de juistheid van de door de dienstenaanbieder aangerekende bedragen te toetsen, maar kan tegelijkertijd ook een bedreiging vormen voor de persoonlijke levenssfeer van de gebruikers van algemeen beschikbare elektronische communicatiediensten. De lidstaten zouden derhalve met het oog op de vrijwaring van de persoonlijke levenssfeer van de gebruikers de ontwikkeling moeten aanmoedigen van elektronische communicatiediensten waaraan opties zijn gekoppeld zoals alternatieve betalingsfaciliteiten die anonieme of strikt persoonlijke toegang tot algemeen beschikbare elektronische communicatiediensten waarborgen, bijvoorbeeld telefoonkaarten en mogelijkheden tot betaling met kredietkaarten. Als alternatieve oplossing kunnen de lidstaten verlangen dat een aantal cijfers worden weggelaten uit de opgeroepen nummers die in de gespecificeerde nota's zijn vermeld.

Motivering

Heropneming van overweging 18 van Richtlijn 97/66/EG over het weglaten van cijfers. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen.

Amendement 12
Overweging 17 bis (nieuw)
 

(17 bis)    Of de toestemming die moet worden gegeven voor de verwerking van persoonsgegevens met het oog op de verstrekking van een bijzondere dienstverlening met toegevoegde waarde door de gebruiker of de abonnee moet worden verleend, hangt af van de te verwerken gegevens, van het soort te verstrekken dienst en van de vraag of het technisch, procedureel en contractueel mogelijk is een onderscheid te maken tussen de persoon die een elektronische communicatiedienst gebruikt en de rechtspersoon of natuurlijke persoon die zich erop heeft geabonneerd.

Motivering

Dit amendement neemt zoveel mogelijk de tekst over die de werkgroep van de Raad informeel heeft opgesteld om goedkeuring van de richtlijn in eerste lezing te bevorderen. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen.

Amendement 13
Overweging 18, laatste zin

De mogelijkheden inzake bescherming van de persoonlijke levenssfeer die per lijn worden aangeboden, hoeven niet noodzakelijk als een automatische netwerkdienst beschikbaar te zijn, maar moeten dan wel op gewoon verzoek aan de aanbieder van de algemeen beschikbare elektronische communicatiedienst kunnen worden verkregen.

De mogelijkheden inzake bescherming van de persoonlijke levenssfeer die per lijn worden aangeboden, hoeven niet noodzakelijk als een automatische netwerkdienst beschikbaar te zijn, maar moeten dan wel gratis door middel van een gewoon en gestandaardiseerd verzoek aan de aanbieder van de algemeen beschikbare elektronische communicatiedienst kunnen worden verkregen.

Motivering

Deze mogelijkheden op het gebied van de privacy zijn een wezenlijk recht en vormen geen "dienst met toegevoegde waarde". De noodzaak om ze te kunnen gebruiken bij alle soorten netwerken of origination-punten (telefooncellen, lijnen van derde partijen, enz.) vereist dat ze op alle netwerken kunnen worden geactiveerd met behulp van identieke codes. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen.

Amendement 14
Overweging 18 bis (nieuw)
 

(18 bis)    Indien de provider van een elektronische communicatiedienst of van een dienst met toegevoegde waarde de verwerking van persoonsgegevens die noodzakelijk zijn voor de verstrekking van deze diensten uitbesteedt aan een andere entiteit, dan moeten deze uitbesteding en daaropvolgende verwerking van gegevens volledig voldoen aan de eisen inzake controleurs en verwerkers van persoonsgegevens als bedoeld in Richtlijn 95/46/EG.

Motivering

Dit amendement neemt zoveel mogelijk de tekst over die de werkgroep van de Raad informeel heeft opgesteld om goedkeuring van de richtlijn in eerste lezing te bevorderen. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen.

Amendement 15
Overweging 18 ter (nieuw)
 

(18 ter)    Als het voor de verstrekking van een dienst met toegevoegde waarde noodzakelijk is dat verkeers- of locatiegegevens worden doorgegeven van een provider van elektronische communicatiediensten aan een provider van diensten met toegevoegde waarde, dan moeten de abonnees of gebruikers op wie de gegevens betrekking hebben ook volledig op de hoogte worden gesteld van deze doorgifte alvorens hun toestemming te geven voor de verwerking van de gegevens.

Motivering

Dit amendement neemt zoveel mogelijk de tekst over die de werkgroep van de Raad informeel heeft opgesteld om goedkeuring van de richtlijn in eerste lezing te bevorderen. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen.

Amendement 16
Overweging 20

20.   Abonneelijsten van elektronische communicatiediensten vinden brede verspreiding en zijn algemeen beschikbaar. Het recht op bescherming van de persoonlijke levenssfeer van natuurlijke personen en van de rechtmatige belangen van rechtspersonen houdt in dat de abonnees zelf moeten kunnen bepalen of hun persoonsgegevens in een abonneelijst worden vermeld en, zo ja, welke. Aanbieders van openbare abonneelijsten dienen de in dergelijke abonneelijsten opgenomen abonnees op de hoogte te brengen van de doeleinden van de abonneelijst en van eventueel bijzonder gebruik dat gemaakt kan worden van de elektronische versies van openbare abonneelijsten, in het bijzonder door middel van in de software opgenomen zoekfuncties, zoals omgekeerde zoekfuncties waarmee gebruikers de naam en het adres van een abonnee kunnen vinden op basis van alleen het telefoonnummer.

20.   Abonneelijsten van elektronische communicatiediensten vinden brede verspreiding en zijn algemeen beschikbaar. Het recht op bescherming van de persoonlijke levenssfeer van natuurlijke personen en van de rechtmatige belangen van rechtspersonen houdt in dat de abonnees zelf zonder extra kosten desgewenst kunnen worden geschrapt en moeten kunnen bepalen in hoeverre hun persoonsgegevens in een abonneelijst worden vermeld

Motivering

De huidige wetgeving (richtlijn 97/66) wordt andermaal voorgesteld als een bevredigende oplossing, aangezien eenieder reeds het recht heeft zijn of haar persoonsgegevens, mobiele-telefoonnummer of e-mailadres uit abonneelijsten te laten schrappen. Het is slechts nodig om te specificeren dat elk verzoek van de gebruiker om volledige of gedeeltelijke weglating gratis moet zijn. Derhalve wordt de bepaling geschrapt die het aanbieders mogelijk maakt betaling te eisen.

Amendement 17
Overweging 20 bis (nieuw)
 

(20 bis)    De verplichting abonnees op de hoogte te stellen van het doel/de doelen van openbare abonneelijsten waarin hun persoonlijke gegevens worden opgenomen, geldt voor degene die de gegevens voor een dergelijke opname verzamelt. Wanneer de gegevens kunnen worden doorgegeven aan een of meer derden, moet de abonnee op de hoogte worden gesteld van deze mogelijkheid, evenals van de ontvanger of de categorieën mogelijke ontvangers. Een eventuele doorgifte mag alleen geschieden op voorwaarde dat de gegevens niet mogen worden gebruikt voor andere doeleinden dan waarvoor zij werden verzameld. Indien degene, die de gegevens van de abonnee of enige derde partij aan wie de gegevens zijn doorgegeven verzamelt, de gegevens wenst te gebruiken voor een aanvullend doel, dan moet opnieuw toestemming worden gevraagd aan de abonnee, hetzij door de oorspronkelijke partij die de gegevens verzamelt of door de derde aan wie de gegevens zijn doorgegeven.

Motivering

Dit amendement neemt zoveel mogelijk de tekst over die de werkgroep van de Raad informeel heeft opgesteld om goedkeuring van de richtlijn in eerste lezing te bevorderen. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 goedgekeurd.

Amendement 18
Artikel 1, lid 3

3.   Deze richtlijn is niet van toepassing op activiteiten die niet onder het EG-Verdrag vallen, zoals die welke onder de titels V en VI van het Verdrag betreffende de Europese Unie vallen, en in geen geval op activiteiten die verband houden met de openbare veiligheid, defensie, staatsveiligheid (met inbegrip van het economische welzijn van de staat wanneer de activiteit verband houdt met de staatsveiligheid) en de activiteiten van de staat op strafrechtelijk gebied.

3.   Deze richtlijn is niet van toepassing op activiteiten die niet onder het Verdrag vallen.

Motivering

Het is overbodig om te specificeren welke activiteiten buiten het kader van het EU-Verdrag vallen; dit is onpraktisch i.v.m. definitieve wijzigingen van het Verdrag. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen (ex am. 22)

Amendement 19
Artikel 2, letter b)

b)   "verkeersgegevens": alle gegevens die worden verwerkt bij of ten behoeve van de transmissie van communicatie over een elektronisch communicatienetwerk;

b)   "verkeersgegevens": alle persoonlijke gegevens die worden verwerkt ten behoeve van de doorgifte van communicatie op een elektronisch communicatienetwerk of voor het factureren daarvan;

Motivering

Compromis tussen de tekst van de Raad en het eerdere amendement op dit artikel in het verslag-Cappato. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen (ex am. 23).

Amendement 20
Artikel 2, letter b)

b)   "verkeersgegevens": alle gegevens die worden verwerkt bij of ten behoeve van de transmissie van communicatie over een elektronisch communicatienetwerk;

b)   "verkeersgegevens": alle gegevens die worden verwerkt bij of noodzakelijk zijn voor het waarborgen van de transmissie van communicatie over een elektronisch communicatienetwerk;

Motivering

Dit amendement zorgt ervoor dat dienstverleners slechts gegevens opslaan die over het algemeen noodzakelijk zijn om de communicatie over een elektronisch netwerk te waarborgen, hetgeen niet de tijdelijke opslag omvat van verkeersgegevens tijdens de transmissie, noch alle (aanvullende) informatie die door verschillende belanghebbende partijen gevraagd kan worden. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen (ex am. 56).

Amendement 21
Artikel 2, letter d)

d)   "communicatie": alle informatie die wordt uitgewisseld of doorgegeven tussen een eindig aantal partijen door middel van een algemeen beschikbare elektronische communicatiedienst;

d)   "communicatie": alle uitwisseling of doorgifte van informatie tussen een eindig aantal partijen door middel van een algemeen beschikbare elektronische communicatiedienst. Hiertoe behoort niet enige informatie die wordt doorgegeven als deel van een omroepdienst aan het publiek via een elektronisch communicatienetwerk, tenzij de informatie in verband kan worden gebracht met een te identificeren abonnee of gebruiker die de informatie ontvangt;

Motivering

Compromis tussen de tekst van de Raad en het eerdere amendement op dit artikel in het verslag-Cappato. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen (ex am. 24).

Amendement 22
Artikel 2, letters f) en g) (nieuw)
 

f)   "dienst met toegevoegde waarde": elke dienst waarvoor de verwerking van verkeersgegevens of locatiegegevens behalve verkeersgegevens vereist is boven wat nodig is voor de doorgifte van communicatie of het berekenen daarvan;

 

g)   "elektronische post": alle boodschappen met als inhoud tekst, stem, geluid of beeld die via een elektronisch communicatienetwerk worden verzonden en kunnen worden opgeslagen in het netwerk of in de eindapparatuur van de ontvanger totdat de ontvanger deze in ontvangst neemt.

Motivering

Dit amendement neemt zoveel mogelijk de tekst over die de werkgroep van de Raad informeel heeft opgesteld om goedkeuring van de richtlijn in eerste lezing te bevorderen. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen (ex am. 25).

Amendement 23
Artikel 4, lid 2

2.   Indien een bijzonder risico bestaat dat de beveiliging van het netwerk wordt doorbroken, stelt de aanbieder van een algemeen beschikbare elektronische communicatiedienst de abonnees op de hoogte van dat risico en van de eventuele middelen om dat risico tegen te gaan, met inbegrip van de daaraan verbonden kosten.

2.   Indien een bijzonder risico bestaat dat de beveiliging van het netwerk wordt doorbroken, stelt de aanbieder van een algemeen beschikbare elektronische communicatiedienst de abonnees op de hoogte van dat risico en, wanneer het risico ligt buiten het terrein van de door de dienstenaanbieder te nemen maatregelen, van de eventuele middelen om dat risico tegen te gaan, met inbegrip van een indicatie van de waarschijnlijk daaraan verbonden kosten.

Motivering

Dit amendement neemt zoveel mogelijk de tekst over die de werkgroep van de Raad informeel heeft opgesteld om goedkeuring van de richtlijn in eerste lezing te bevorderen. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen (ex am. 26).

Amendement 24
Artikel 5, lid 1

1.   De lidstaten garanderen in hun nationale wetgeving het vertrouwelijk karakter van communicatie en van de daarmee verband houdende verkeersgegevens via openbare communicatienetwerken en via algemeen beschikbare elektronische communicatiediensten. Zij verbieden met name het afluisteren, aftappen, opslaan of anderszins onderscheppen of controleren van communicatie en van de daarmee verband houdende verkeersgegevens door anderen dan de gebruikers, indien de betrokken gebruikers daarmee niet hebben ingestemd, tenzij dat bij wet is toegestaan overeenkomstig artikel 15, lid 1.

1.   De lidstaten garanderen in hun nationale wetgeving het vertrouwelijk karakter van communicatie en van de daarmee verband houdende verkeersgegevens via openbare communicatienetwerken en via algemeen beschikbare elektronische communicatiediensten. Zij verbieden met name het afluisteren, aftappen, opslaan of anderszins onderscheppen of controleren van communicatie en van de daarmee verband houdende verkeersgegevens door anderen dan de gebruikers, indien de betrokken gebruikers daarmee niet hebben ingestemd, tenzij dat bij wet is toegestaan overeenkomstig artikel 15, lid 1. Het bovenstaande vormt geen beletsel voor technische opslag die vereist is voor het doorgeven van communicatie, waarbij het beginsel van vertrouwelijkheid echter onverlet blijft.

Motivering

Dit amendement neemt zoveel mogelijk de tekst over die de werkgroep van de Raad informeel heeft opgesteld om goedkeuring van de richtlijn in eerste lezing te bevorderen. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen (ex am. 27).

Amendement 25
Artikel 5, lid 2

2.   Lid 1 is niet van toepassing op de wettelijk toegestane registratie van communicatie en de daarmee verband houdende verkeersgegevens in het legale zakelijke verkeer ten bewijze van een commerciële transactie of van enigerlei andere zakelijke communicatie.

2.   Lid 1 is niet van toepassing op de wettelijk toegestane registratie van communicatie en de daarmee verband houdende verkeersgegevens in het legale zakelijke verkeer ten bewijze van een commerciële transactie of van enigerlei andere zakelijke communicatie. Arbeidsverhoudingen worden niet beschouwd als zakelijke communicatie in de zin van dit lid.

Motivering

Zakelijke communicatie mag alleen de operationele activiteiten van een organisatie omvatten.

Amendement 26
Artikel 5, lid 2 bis (nieuw)
 

2 bis.    De lidstaten verbieden het gebruik van elektronische communicatienetwerken ten behoeve van de opslag van informatie of ter verkrijging van toegang tot informatie die is opgeslagen in de eindapparatuur van een abonnee of gebruiker zonder voorafgaande, uitdrukkelijke toestemming van de betreffende abonnee of gebruiker. Dit houdt geen beperking in van de technische opslag of toegang die uitsluitend tot doel heeft de transmissie van communicatie via een elektronische communicatienetwerk uit te voeren of te vergemakkelijken.

Motivering

Eindapparatuur van gebruikers van elektronische communicatienetwerken en alle informatie die op dergelijke apparatuur is opgeslagen, maakt deel uit van het persoonlijk domein van de gebruikers dat beschermd moet worden overeenkomstig het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden. Zogeheten cookies, spyware, web bugs, hidden identifiers en soortgelijke methodes om zonder dat zij daarvan expliciet op de hoogte zijn of daarvoor toestemming hebben gegeven de eindapparatuur van gebruikers binnen te komen, verborgen informatie op te slaan of de activiteiten van de gebruikers na te gaan, kunnen een ernstige inbreuk inhouden op de privacy van deze gebruikers. Het gebruik van dergelijke methodes moet daarom worden verboden, tenzij de betreffende gebruiker uitdrukkelijk, met kennis van zaken en vrijwillig toestemming heeft gegeven. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen (ex am. 29).

Amendement 27
Artikel 6, lid 1

1.   Verkeersgegevens met betrekking tot abonnees en gebruikers die worden verwerkt om communicatie tot stand te brengen en die worden opgeslagen door de aanbieder van een openbaar communicatienetwerk of een openbare communicatiedienst, moeten bij beëindiging van de communicatie worden gewist of anoniem gemaakt, onverminderd de leden 2, 3 en 4.

1.   Verkeersgegevens met betrekking tot abonnees en gebruikers die worden verwerkt om communicatie tot stand te brengen en die worden opgeslagen door de aanbieder van een openbaar communicatienetwerk of een openbare communicatiedienst, moeten bij beëindiging van de communicatie worden gewist of onomkeerbaar anoniem gemaakt, met passende aandacht voor het bepaalde in de leden 2, 3 en 4, teneinde een juiste tenuitvoerlegging van lid 6 mogelijk te maken.

Motivering

De noodzaak van verdere gebruikmaking van gegevens is op zich geen legitieme reden om het vereiste van individuele bescherming op te heffen, indien alternatieve middelen voorhanden zijn, zoals het onder pseudoniem opslaan van gegevens, toepassing van statistieken, enz.

Amendement 28
Artikel 6, lid 3

3.   De aanbieder van een algemeen beschikbare elektronische communicatiedienst mag, ten behoeve van de marketing van zijn eigen elektronische communicatiediensten of voor de levering van diensten met toegevoegde waarde aan de abonnee, de in lid 1 bedoelde gegevens verwerken voorzover en voor zolang dat nodig is voor dergelijke diensten, indien de abonnee daartoe zijn toestemming heeft gegeven.

3.   De aanbieder van een algemeen beschikbare elektronische communicatiedienst mag, ten behoeve van de marketing van elektronische communicatiediensten of voor de levering van diensten met toegevoegde waarde, de in lid 1 bedoelde gegevens verwerken voorzover en voor zolang dat nodig is voor dergelijke diensten of marketing, indien de abonnee of de gebruiker op wie de gegevens betrekking hebben daartoe zijn toestemming heeft gegeven.

Motivering

Dit is de tekst van de Raad (waarin reeds het amendement uit het verslag-Cappato op deze paragraaf is opgenomen), behalve de laatste van de Raad afkomstige zin over de mogelijkheid de toestemming in te trekken; dit recht wordt reeds gegarandeerd door artikel 14 van richtlijn 95/46/EG over het recht van de persoon op wie gegevens betrekking hebben om bezwaar te maken. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen (ex am. 31).

Amendement 29
Artikel 6, lid 4

4.   De dienstenaanbieder moet de abonnee mededelen welke soorten verkeersgegevens worden verwerkt voor de in de leden 2 en 3 genoemde doeleinden en hoe lang deze worden verwerkt.

4.   De dienstenaanbieder moet de abonnee of gebruiker mededelen welke soorten verkeersgegevens worden verwerkt voor de in lid 2 en, alvorens toestemming te verkrijgen, lid 3 genoemde doeleinden en hoe lang deze worden verwerkt.

Motivering

Dit amendement neemt zoveel mogelijk de tekst over die de werkgroep van de Raad informeel heeft opgesteld om goedkeuring van de richtlijn in eerste lezing te bevorderen. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen (ex am. 32).

Amendement 30
Artikel 6, lid 5

5.   De verwerking van verkeersgegevens overeenkomstig de leden 1 tot en met 4 mag alleen worden uitgevoerd door personen die werkzaam zijn onder het gezag van de aanbieders van de openbare communicatienetwerken of -diensten voor facturering of verkeersbeheer, behandeling van verzoeken om inlichtingen van klanten, opsporing van fraude en verkoop van de eigen elektronische communicatiediensten van de aanbieder of de levering van diensten met toegevoegde waarde, en moet beperkt blijven tot hetgeen noodzakelijk is om die activiteiten te kunnen uitvoeren.

5.   De verwerking van verkeersgegevens overeenkomstig de leden 1 tot en met 4 mag alleen worden uitgevoerd door personen die werkzaam zijn onder het gezag van de aanbieders van de openbare communicatienetwerken of -diensten voor facturering of verkeersbeheer, behandeling van verzoeken om inlichtingen van klanten, opsporing van fraude en verkoop van elektronische communicatiediensten of de levering van diensten met toegevoegde waarde, en moet beperkt blijven tot hetgeen noodzakelijk is om die activiteiten te kunnen uitvoeren.

Motivering

Privacy moet beschermd worden, los van de vraag wie de eigenaar is van de op de markt gebrachte diensten. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen (ex am. 33).

Amendement 31
Artikel 6, lid 6

6.   De leden 1, 2, 3 en 5 zijn van toepassing onverminderd de mogelijkheid voor de bevoegde autoriteiten om overeenkomstig de toepasselijke wetgeving in kennis te worden gesteld van verkeersgegevens met het oog op het beslechten van geschillen, in het bijzonder met betrekking tot interconnectie en facturering.

6.   De leden 1, 2, 3 en 5 zijn van toepassing onverminderd de mogelijkheid voor de bevoegde instanties om overeenkomstig de toepasselijke wetgeving in kennis te worden gesteld van verkeersgegevens met het oog op het beslechten van geschillen, in het bijzonder met betrekking tot interconnectie en facturering.

Motivering

Dit amendement neemt zoveel mogelijk de tekst over die de werkgroep van de Raad informeel heeft opgesteld om goedkeuring van de richtlijn in eerste lezing te bevorderen. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen (ex am. 34).

Amendement 32
Artikel 9, titel en lid 1

Locatiegegevens

Andere locatiegegevens dan verkeersgegevens

1.   Wanneer elektronische communicatienetwerken in staat zijn locatiegegevens te verwerken die meer inhouden dan verkeersgegevens en die betrekking hebben op gebruikers of abonnees van hun diensten, mogen deze gegevens slechts worden verwerkt wanneer zij anoniem worden gemaakt of wanneer de gebruikers of abonnees daarvoor hun toestemming hebben gegeven, en wel in zoverre en voor zolang zulks nodig is voor de levering van de dienst met toegevoegde waarde. De dienstenaanbieder moet de gebruikers of abonnees voordat deze hun toestemming geven in kennis stellen van de soort locatiegegevens die zullen worden verwerkt, van de doeleinden en de duur van die verwerking en hun mededelen of deze gegevens aan een derde zullen worden doorgegeven ten behoeve van de levering van de dienst met toegevoegde waarde.

1.   Wanneer met betrekking tot gebruikers of abonnees van elektronische communicatienetwerken andere locatiegegevens dan verkeersgegevens kunnen worden verwerkt, mogen deze gegevens slechts worden verwerkt wanneer zij anoniem worden gemaakt of wanneer de gebruikers of abonnees daarvoor hun toestemming hebben gegeven, en wel in zoverre en voor zolang zulks nodig is voor de levering van de dienst met toegevoegde waarde. De dienstenaanbieder moet de gebruikers of abonnees voordat deze hun toestemming geven in kennis stellen van de soort locatiegegevens andere dan verkeersgegevens die zullen worden verwerkt, van de doeleinden en de duur van die verwerking en hun mededelen of deze gegevens aan een derde zullen worden doorgegeven ten behoeve van de levering van de dienst met toegevoegde waarde. De gebruikers of abonnees worden in de gelegenheid gesteld om hun instemming voor de verwerking van andere locatiegegevens dan verkeersgegevens te allen tijde in te trekken.

Motivering

Dit amendement neemt zoveel mogelijk de tekst over die de werkgroep van de Raad informeel heeft opgesteld om goedkeuring van de richtlijn in eerste lezing te bevorderen. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen (ex am. 35).

Amendement 33
Artikel 12, lid 1

1.   De lidstaten zorgen ervoor dat de abonnees gratis op de hoogte worden gesteld van de doeleinden van een gedrukte of elektronische abonneelijst die voor het publiek beschikbaar is of kan worden verkregen door middel van gidsdiensten, waarin hun persoonsgegevens kunnen worden opgenomen, alsmede van alle eventuele verdere gebruiksmogelijkheden op basis van zoekfuncties die zijn opgenomen in de elektronische versies van de abonneelijst.

1.   De lidstaten zorgen ervoor dat de abonnees gratis en voordat zij in de abonneelijst worden opgenomen op de hoogte worden gesteld van de doeleinden van een gedrukte of elektronische abonneelijst die voor het publiek beschikbaar is of kan worden verkregen door middel van gidsdiensten, waarin hun persoonsgegevens kunnen worden opgenomen, alsmede van alle eventuele verdere gebruiksmogelijkheden op basis van zoekfuncties die zijn opgenomen in de elektronische versies van de abonneelijst.

Motivering

Deze toevoeging zorgt ervoor dat consumenten een betere keuze kunnen maken om al dan niet opgenomen te worden in toekomstige abonneelijsten. Een besluit om van een reeds gepubliceerde abonneelijst verwijderd te worden heeft niet hetzelfde effect als een besluit om in het geheel niet opgenomen te worden in een dergelijke abonneelijst. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen (ex am. 57).

Amendement 34
Artikel 12, lid 2

2.   De lidstaten zorgen ervoor dat de abonnees de gelegenheid krijgen om, zonder dat daaraan kosten zijn verbonden, zelf te bepalen of, en zo ja welke, persoonsgegevens in openbare abonneelijsten worden opgenomen, voor zover die gegevens relevant zijn voor de doeleinden van de abonneelijst zoals bepaald door de aanbieder ervan, en om de gegevens daarin te verifiëren, corrigeren of te laten verwijderen.

2.   Persoonsgegevens in gedrukte of elektronische abonneelijsten die voor het publiek beschikbaar zijn of kunnen worden verkregen door middel van gidsdiensten, moeten beperkt blijven, tot wat nodig is om de abonnee te identificeren, tenzij deze ondubbelzinnig toestemming heeft gegeven voor de publicatie van extra persoonsgegevens. De abonnee mag zich zonder kosten op eigen verzoek laten schrappen uit een gedrukte of elektronische abonneelijst, mag vaststellen welke gegevens mogen worden opgenomen, deze verifiëren, corrigeren of intrekken; hij/zij mag aangeven dat zijn of haar persoonsgegevens niet mogen worden gebruikt voor direct-marketing; hij mag zijn adres gedeeltelijk weglaten en vermelding van geslacht weigeren wanneer de taal dit toelaat.

Motivering

De huidige wetgeving (richtlijn 97/66) wordt andermaal voorgesteld als een bevredigende oplossing, aangezien eenieder reeds het recht heeft zijn of haar persoonsgegevens, mobiele-telefoonnummer of e-mailadres uit abonneelijsten te laten schrappen. Het is slechts nodig om te specificeren dat elk verzoek van de gebruiker om volledige of gedeeltelijke weglating gratis moet zijn. Derhalve wordt de bepaling geschrapt die het aanbieders mogelijk maakt betaling te eisen.

Amendement 35
Artikel 13

Ongewenste communicatie

Ongewenste communicatie

1.   Het gebruik van automatische oproepsystemen zonder menselijke tussenkomst (automatische oproepapparaten), faxen of e-mail met het oog op direct-marketing kan alleen worden toegestaan met betrekking tot abonnees die daarmee vooraf hebben ingestemd.

1.   Het gebruik van automatische oproepsystemen zonder menselijke tussenkomst (automatische oproepapparaten), faxen of SMS (dienst voor het verzenden van korte berichten op mobiele telefoons) met het oog op direct-marketing kan alleen worden toegestaan met betrekking tot abonnees die daarmee vooraf hebben ingestemd.

2.   De lidstaten nemen passende maatregelen om ervoor te zorgen dat, zonder kosten voor de abonnee, ongevraagde communicatie met het oog op direct-marketing met andere dan de in lid 1 genoemde middelen niet toegestaan is zonder toestemming van de betrokken abonnees, of ten aanzien van abonnees die dergelijke communicatie niet wensen te ontvangen, waarbij de keuze tussen deze mogelijkheden door de nationale wetgeving wordt bepaald.

2.   De lidstaten nemen passende maatregelen om ervoor te zorgen dat, zonder kosten voor de abonnee en op een gemakkelijke en duidelijke wijze, ongevraagde communicatie met het oog op direct-marketing met andere dan de in lid 1 genoemde middelen niet toegestaan is zonder toestemming van de betrokken abonnees, of ten aanzien van abonnees die dergelijke communicatie niet wensen te ontvangen, waarbij de keuze tussen deze mogelijkheden door de nationale wetgeving wordt bepaald.

 

Er komt een verbod op de praktijk elektronische communicatie te sturen met het oog op direct-marketing waarbij de identiteit wordt verhuld of verborgen van de afzender namens wie de communicatie geschiedt zonder een bruikbaar adres waarnaar de ontvanger een verzoek kan sturen om dergelijke mededelingen te laten ophouden.

 

Vanaf 30 maanden na de inwerkingtreding van deze richtlijn hebben abonnees het recht de aanbieders van elektronische-communicatiediensten te verzoeken technische oplossingen te gebruiken die hen in staat stellen de afzender en het onderwerp van e-mails te zien en deze te wissen zonder dat zij de rest van de inhoud van de e-mail of enige bijlagen hoeven te downloaden.

3.   De leden 1 en 2 gelden voor abonnees die natuurlijke personen zijn. De lidstaten zorgen er eveneens voor, in het kader van het Gemeenschapsrecht en het toepasselijke nationale recht, dat de rechtmatige belangen van andere abonnees dan natuurlijke personen met betrekking tot ongewenste communicatie naar behoren zijn beschermd.

3.   De leden 1 en 2 gelden voor abonnees die natuurlijke personen zijn. De lidstaten zorgen er eveneens voor, in het kader van het Gemeenschapsrecht en het toepasselijke nationale recht, dat de rechtmatige belangen van andere abonnees dan natuurlijke personen met betrekking tot ongewenste communicatie naar behoren zijn beschermd.

Motivering

Compromisamendement dat is gebaseerd op de "nationale keuze"-optie.

Amendement 36
Artikel 14, lid 3

3.   Zo nodig keurt de Commissie maatregelen goed om ervoor te zorgen dat eindapparatuur de noodzakelijke garanties bevat om de bescherming van persoonsgegevens en van de persoonlijke levenssfeer van gebruikers en abonnees te waarborgen, in overeenstemming met Richtlijn 1999/5/EG en met Beschikking 87/95/EEG van de Raad.

3.   Indien zich met betrekking tot categorieën producten problemen voordoen, kunnen zonodig maatregelen worden genomen om te waarborgen dat eindapparatuur wordt vervaardigd op een wijze die strookt met het recht van gebruikers om hun eigen persoonsgegevens te beschermen en het gebruik ervan te controleren, in overeenstemming met Richtlijn 1999/5/EG en met Beschikking 87/95/EEG van de Raad.

Motivering

Dit amendement zorgt ervoor dat de privacy van gebruikers en hun persoonsgegevens beter beschermd worden. Een verbod op de ontwikkeling van technische apparatuur die de rechten van gebruikers schendt, heeft een sterker preventief effect dan het aanpakken van de schending zelf.

Dit amendement verduidelijkt dat eindapparatuur de privacy van personen niet mag schenden, in plaats van de oorspronkelijke formulering, waarin wordt voorgesteld om in de eindapparatuur garanties in te bouwen. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen (ex am. 49).

Amendement 37
Artikel 15, lid 1

1.   De lidstaten kunnen wettelijke maatregelen treffen ter beperking van de reikwijdte van de in de artikelen 5 en 6, in artikel 8, leden 1 tot en met 4, en in artikel 9 van deze richtlijn bedoelde rechten en plichten, indien dit noodzakelijk is voor het vrijwaren van de veiligheid van de staat, de landsverdediging, de openbare veiligheid, alsmede voor het voorkomen, onderzoeken, opsporen en vervolgen van strafbare feiten of van onbevoegd gebruik van het elektronisch communicatiesysteem als bedoeld in artikel 13, lid 1, van richtlijn 95/46/EG.

1.   De lidstaten kunnen wettelijke maatregelen treffen ter beperking van de reikwijdte van de in de artikelen 5 en 6, in artikel 8, leden 1 tot en met 4, en in artikel 9 van deze richtlijn bedoelde rechten en plichten, indien dit in een democratische samenleving noodzakelijk, redelijk, proportioneel en in tijd beperkt blijft, is voor het vrijwaren van de veiligheid van de staat, de landsverdediging, de openbare veiligheid, alsmede voor het voorkomen, onderzoeken, opsporen en vervolgen van strafbare feiten of van onbevoegd gebruik van het elektronisch communicatiesysteem als bedoeld in artikel 13, lid 1, van richtlijn 95/46/EG. Deze maatregelen moeten een volkomen uitzonderlijk karakter hebben, gebaseerd zijn op een voor het publiek begrijpelijke bijzondere wet, en gevalsgewijs zijn toegestaan door gerechtelijke of andere bevoegde autoriteiten. Overeenkomstig het Europees Verdrag inzake de rechten van de mens en de arresten van het Europees Hof voor de rechten van de mens is elke vorm van proefsgewijze of grootschalige algemene elektronische controle verboden.

Motivering

Met dit amendement wordt beoogd te voorkomen dat de lidstaten handelen in strijd met het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens, de jurisprudentie van het Europese Hof van de rechten van de mens en het Gemeenschapsrecht, en gebruik gaan maken van uitzonderingen om het grondrecht van de bescherming van het privéleven in te perken. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen (ex am. 50).

Amendement 38
Artikel 15, lid 3

3.   De Groep voor de bescherming van personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens die is ingesteld bij artikel 29 van richtlijn 95/46/EG, voert de in artikel 30 van die richtlijn vermelde taken ook uit ten aanzien van aangelegenheden die onder de onderhavige richtlijn vallen, namelijk de bescherming van de fundamentele rechten en vrijheden en van rechtmatige belangen in de sector elektronische communicatie.

3.   De Groep voor de bescherming van personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens die is ingesteld bij artikel 29 van richtlijn 95/46/EG, voert de in artikel 30 van die richtlijn vermelde taken ook uit ten aanzien van aangelegenheden die onder de onderhavige richtlijn vallen, namelijk de bescherming van de fundamentele rechten en vrijheden en van rechtmatige belangen in de sector elektronische communicatie.

De Groep houdt zoveel mogelijk rekening met de standpunten van alle belanghebbende partijen, waaronder de sector en consumenten.

De Groep geeft aan tot op welke hoogte de standpunten van belanghebbende partijen zijn gehoord en in hoeverre met die standpunten rekening is gehouden en biedt belanghebbende partijen de gelegenheid hun visie te geven binnen een redelijke periode, die in verhouding staat tot het belang van de betreffende kwestie.

Motivering

Aangezien in de Groep momenteel slechts vertegenwoordigers van de nationale autoriteiten voor gegevensbescherming zitting hebben, zouden de adviezen van de Groep op transparantere wijze tot stand kunnen komen, door een discussie mogelijk te maken met belanghebbende partijen, zoals de sector en consumentenorganisaties. Dit zal leiden tot een meer uitgebalanceerde aandacht voor de belangen van alle betrokkenen en zal zorgen voor een betere voeling met de praktijk en bruikbaardere adviezen. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen (ex am. 58).

Amendement 39
Artikel 16

Artikel 12 geldt niet voor edities van abonneelijsten die zijn gepubliceerd voor de datum van inwerkingtreding van de op grond van deze richtlijn aangenomen bepalingen.

Artikel 12 geldt niet voor abonneelijsten die zijn gepubliceerd voor de datum van inwerkingtreding van de op grond van deze richtlijn aangenomen bepalingen.

Motivering

Het schrappen van deze twee woorden voorkomt dat kopieën van abonneelijsten die reeds zijn gepubliceerd en verspreid, in beslag moeten worden genomen.

Bovendien moet voor elektronisch raadpleegbare abonneelijsten ook een overgangsregeling gelden, hetgeen met dit amendement wordt bewerkstelligd. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen (ex am. 59).

Amendement 40
Artikel 16

Artikel 12 geldt niet voor edities van abonneelijsten die zijn gepubliceerd voor de datum van inwerkingtreding van de op grond van deze richtlijn aangenomen bepalingen.

1.   Artikel 12 geldt niet voor edities van abonneelijsten die zijn geproduceerd of op de markt zijn gebracht in gedrukte of off-line elektronische vorm voor de datum van inwerkingtreding van de op grond van deze richtlijn aangenomen bepalingen.

Motivering

Dit amendement neemt zoveel mogelijk de tekst over die de werkgroep van de Raad informeel heeft opgesteld om goedkeuring van de richtlijn in eerste lezing te bevorderen. Dit amendement is in de plenaire vergadering van 6 september 2001 aangenomen (ex am. 52).

Amendement 41
Artikel 17, lid 1

1.   De lidstaten doen de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking treden om uiterlijk 31 december 2001 aan deze richtlijn te voldoen. Zij stellen de Commissie daarvan onverwijld in kennis.

Wanneer de lidstaten deze bepalingen aannemen, wordt in die bepalingen naar deze richtlijn verwezen of wordt hiernaar verwezen bij de officiële bekendmaking van de bepalingen. De regels voor deze verwijzing worden vastgesteld door de lidstaten.

1.   De lidstaten doen de nodige wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in werking treden om uiterlijk binnen 15 maanden aan deze richtlijn te voldoen. Zij stellen de Commissie daarvan onverwijld in kennis.

Wanneer de lidstaten deze bepalingen aannemen, wordt in die bepalingen naar deze richtlijn verwezen of wordt hiernaar verwezen bij de officiële bekendmaking van de bepalingen. De regels voor deze verwijzing worden vastgesteld door de lidstaten.

Motivering

Het is onmogelijk om de termijn van 31 december 2001 te respecteren. De datum waarop deze richtlijn in werking treedt moet worden afgestemd op de datum die is vastgesteld in de andere maatregelen van het pakket “Telecommunicatie”.

Amendement 42
Artikel 18 bis (nieuw)
 

Artikel 18 bis

Herzieningsclausule

De Commissie legt uiterlijk drie jaar na de datum van tenuitvoerlegging van deze richtlijn door de lidstaten aan het Europees Parlement en de Raad een verslag voor over de gevolgen ervan voor de gebruikers en de consumenten, met name wat betreft de bepalingen inzake ongevraagde communicatie. Zo nodig dient de Commissie voorstellen in tot wijziging van deze richtlijn om rekening te houden met de resultaten van bovengenoemd verslag en met veranderingen in de sector alsook andere voorstellen die zij noodzakelijk acht om de effectiviteit van deze richtlijn te verbeteren.

Motivering

Herzieningsclausule die verband houdt met het compromisamendement dat is gebaseerd op de "nationale-keuze"-optie.

(1)PB C 365 van 19.12.2000, blz. 223.


ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE

Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement over het voorstel voor een richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende de verwerking van persoonsgegevens en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer in de sector elektronische communicatie (COM(2000) 385 – C5-0439/2000 – 2000/0189) -C5-049/2000 - 2000/089(COD))

(Medebeslissingsprocedure: eerste lezing)

Het Europees Parlement,

–   gezien het voorstel van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad (COM(2000) 385(1)),

–   gelet op artikel 251, lid 2 en artikel 95 van het EG-Verdrag, op grond waarvan het voorstel door de Commissie bij het Parlement is ingediend (C5-0439/2000),

–   gelet op artikel 67 van zijn Reglement,

–   gezien het verslag van de Commissie vrijheden en rechten van de burger, justitie en binnenlandse zaken en de adviezen van de Commissie juridische zaken en interne markt, de Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie en de Commissie milieubeheer, volksgezondheid en consumentenbeleid (A5-0270/2001),

-   gezien het tweede verslag van de Commissie vrijheden en rechten van de burger, justitie en binnenlandse zaken (A5-0374/2001),

1.   hecht zijn goedkeuring aan het aldus gewijzigde Commissievoorstel;

2.   verzoekt om hernieuwde voorlegging indien de Commissie voornemens is ingrijpende wijzigingen in dit voorstel aan te brengen of dit door een nieuwe tekst te vervangen;

3.   verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en de Commissie.

(1)PB C 365 van 19.12.2000, blz. 223MFN.

Laatst bijgewerkt op: 8 november 2001Juridische mededeling