Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Procedure : 2008/2696(RSP)
Stadium plenaire behandeling
Kies een document :

Ingediende teksten :

RC-B6-0629/2008

Debatten :

PV 18/12/2008 - 13.2
CRE 18/12/2008 - 13.2

Stemmingen :

PV 18/12/2008 - 14.2
CRE 18/12/2008 - 14.2

Aangenomen teksten :

P6_TA(2008)0641

Aangenomen teksten
WORD 38k
Donderdag 18 december 2008 - Straatsburg Definitieve uitgave
Nicaragua
P6_TA(2008)0641B6-0629, 0631, 0637 en 0644/2008

Resolutie van het Europees Parlement van 18 december 2008 over de aanslagen op verdedigers van de rechten van de mens, de burgerlijke vrijheden en de democratie in Nicaragua

Het Europees Parlement ,

–   gezien de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens van de VN van 1948,

–   gezien het Internationaal Verdrag over de Burgerlijke en Politieke Rechten van 1966,

–   gezien de Overeenkomst van 15 december 2003 inzake politieke dialoog en samenwerking tussen de Europese Gemeenschap en haar lidstaten, en de republieken Costa Rica, El Salvador, Guatemala, Honduras, Nicaragua en Panama, en de kaderovereenkomst voor samenwerking tussen de Europese Economische Gemeenschap en de republieken Costa Rica, El Salvador, Guatemala, Honduras, Nicaragua en Panama(1) ,

–   gezien de EU-richtsnoeren inzake verdedigers van de rechten van de mens,

–   gezien de verslagen van de groep deskundigen van de EU over de gemeenteraadsverkiezingen van 9 november 2008 in Nicaragua,

–   gezien de verklaringen van Europees commissaris mevrouw Benita Ferrero-Waldner over de gebeurtenissen in Nicaragua na de regionale en gemeenteraadsverkiezingen van 9 november 2008,

–   gezien de lopende onderhandelingen in het vooruitzicht van de ondertekening van een associatie- en samenwerkingsovereenkomst tussen de Europese Unie en de landen van Midden-Amerika,

–   gezien het persbericht van 22 oktober 2008 van de 27 EU-lidstaten over verdedigers van de rechten van de mens en mensenrechtenorganisaties,

–   gezien de zesde onderhandelingsronde over de associatieovereenkomst Europese Unie-Midden-Amerika, die op 26 en 27 januari 2009 in Brussel plaatsvindt,

–   gelet op artikel 115, lid 5, van zijn Reglement,

A.   overwegende dat er beschuldigingen zijn geuit van bedrog rond de uitslag van de gemeenteraadsverkiezingen van 9 november 2008, volgens de verslagen van de groep deskundigen van de EU, die erop wijzen dat het de Nicaraguaanse overheden aan de wil ontbreekt om de verkiezingen echt democratisch te laten verlopen; overwegende dat dit gepaard gegaan is met geweld, vooral tegen de pers, en heeft geleid tot polarisatie en confrontaties,

B.   overwegende dat de Verenigde Naties, de Europes Unie, de Verenigde Staten en verschillende Nicaraguaanse non-gouvernementele organisaties (NGO's) hun ongerustheid over de transparantie van de verkiezingen uitgesproken hebben,

C.   overwegende dat de besluiten van 11 juni 2008 van de Hoge Verkiezingsraad de Sandinistische vernieuwingsbeweging haar rechtspositie hebben ontnamen, en verklaarden dat de Conservatieve partij niet aan de vereisten voldeed om aan de gemeenteraadsverkiezingen van november 2008 te kunnen deelnemen, zodat de beide partijen niet aan de verkiezingen hebben kunnen deelnemen,

D.   overwegende dat er talrijke aanslagen en gevallen van intimidatie zijn geweest jegens mensenrechtenorganisaties en hun leden, alsook aanslagen en gevallen van intimidatie zijn geweest jegens journalisten en vertegenwoordigers van de media, die het werk van afzonderlijke personen, politieke kringen en organisaties zijn die verbindingen met de staatsautoriteiten onderhouden,

E.   overwegende dat de Nicaraguaanse onderminister van Ontwikkelingsamenwerking voorstelde om een "gemeenschappelijke belastingsmethode" voor de financiële steunverlening aan ngo's in te stellen, en om een onderzoek in te stellen naar verschillende ngo's omdat ze niet aan de wettelijke voorschriften zouden voldoen, zoals in het geval van de beschuldigingen van driehoeksverbindingen tussen financiële middelen aan het adres van zeventien mensenrechtenorganisaties,

F.   overwegende dat er strafrechtelijke onderzoeken hebben plaatsgevonden jegens verdedigers van de seksuele en voortplantingsrechten, ook van degenen die hun steun betuigd hebben voor een meisje dat verkracht was en een abortus ondergaan heeft om haar leven te redden, op een ogenblik dat abortus om medische redenen geen strafbaar feit was,

G.   overwegende dat ontwikkeling en consolidatie van de democratie en de rechtstaat, naast eerbied voor de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden volledig deel van de buitenlandse beleidsvoering van de EU moeten uitmaken,

H.   overwegende dat de Europese Unie en haar partners, wanneer zij overeenkomsten met derde landen afsluiten die een bepaling over de rechten van de mens bevatten, de verantwoordelijkheid op zich nemen om de internationale normen voor de rechten van de mens te laten eerbiedigen, en dat dergelijke bepalingen uiteraard wederkerig zijn,

I.   gezien de toestand van nijpende armoede waar Nicaragua de laatste twintig jaar in terecht gekomen is,

1.   spreekt zijn diepe teleurstelling over de manier uit waarop de plaatselijke verkiezingen van 9 november 2008 plaatsgevonden hebben en denkt dat de uitslagen elke vorm van democratische legitimiteit missen;

2.   betreurt dat de sfeer van verdenking van bedrog in sommige gemeenten demonstraties en botsingen tussen aanhangers van verschillende partijen veroorzaakt heeft, met als gevolg een aantal gewonden en een verergering van de diepe politieke crisis die er al was;

3.   vraagt de regering van Nicaragua om dringende maatregelen te nemen om de bestaande situatie tot bedaren te brengen, en vraagt van de Nicaraguaanse overheden dat ze de werkzaamheden van de mensenrechtenorganisaties eerbiedigen;

4.   betreurt de talrijke aanslagen en pogingen tot intimidatie waar mensenrechtenorganisaties en hun leden, onafhankelijke journalisten en de leden van de vertegenwoordiging van de Commissie in Nicaragua de laatste paar maanden het slachtoffer van zijn, en die het werk van afzonderlijke personen, politieke kringen en organisaties zijn die verbindingen met de staatsmacht onderhouden;

5.   vraagt de politieke partijen om de gewelddaden te veroordelen waar hun aanhangers zich schuldig aan maken;

6.   betreurt dat er twee politieke partijen zijn die niet aan de plaatselijke verkiezingen hebben kunnen deelnemen en spreekt zijn ongerustheid uit over de voortgang van de consolidering van democratie en democratisch bestuur in Nicaragua, vooral wat betreft het integratieproces en het proces van actieve betrokkenheid;

7.   dringt er bij de Nicaraguaanse regering en de staatsautoriteiten op aan om over de vrijheid van meningsuiting en de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht te waken, en daarmee de democratische grondvesten van hun land veilig te stellen, en ervoor te zorgen dat Nicaragua zo spoedig mogelijk het statuut van Rome ondertekent, dat het Internationaal Strafhof instelt;

8.   neemt met genoegen kennis van het persbericht van 22 oktober 2008 van de 27 EU-lidstaten, dat de aanslagen op verdedigers van de rechten van de mens en mensenrechtenorganisaties veroordeelt;

9.   wijst er nogmaals op dat Nicaragua er bij de onderhandelingen over de associatieovereenkomst tussen de Europese Unie en de landen van Midden-Amerika aan herinnerd moet worden dat het de beginselen van de rechtstaat, de democratie en de rechten van de mens moet eerbiedigen, die door de Europese Unie verdedigd en gepropageerd worden;

10.   vraagt de EU-lidstaten om erop toe te zien dat de toestand in Nicaragua op de agenda voor alle bijeenkomsten, zowel bi- als multilateraal, met de Nicaraguaanse autoriteiten staat;

11.   verzoekt zijn Voorzitter om deze resolutie te laten toekomen aan de Raad, de Commissie, de regeringen en parlementen van de lidstaten, de secretaris-generaal van de Organisatie van Amerikaanse staten, de Euro-Latijns-Amerikaanse parlementaire vergadering, het Midden-Amerikaans parlement en de regering en het parlement van de Republiek Nicaragua.

(1) PB L 63 van 12.3.1999, blz. 39.

Laatst bijgewerkt op: 1 oktober 2009Juridische mededeling