Terug naar het Europarl-portaal

Choisissez la langue de votre document :

VERSLAG     *
PDF 139kWORD 45k
9 juli 2003
PE 314.781 A5-0254/2003
over het voorstel voor een besluit van de Raad betreffende de sluiting van de overeenkomst inzake zeevervoer tussen de Europese Gemeenschap en de Volksrepubliek China
(6049/1/2003 REV 1- COM(2002) 97 – C5‑0062/2003 – 2002/0048(CNS))
Commissie regionaal beleid, vervoer en toerisme
Rapporteur: Mark Francis Watts
PROCEDUREVERLOOP
 ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT
 TOELICHTING

PROCEDUREVERLOOP

Bij schrijven van 25 februari 2003 verzocht de Raad, overeenkomstig artikel 300, lid 3, eerste alinea van het EG‑Verdrag, het Parlement om advies inzake het voorstel voor een besluit van de Raad betreffende de sluiting van de overeenkomst inzake zeevervoer tussen de Europese Gemeenschap en de Volksrepubliek China (6049/1/2003 REV 1 - COM(2002) 97 – 2002/0048(CNS)).

Op 27 maart 2003 gaf de Voorzitter van het Parlement kennis van de verwijzing van dit voorstel naar de Commissie regionaal beleid, vervoer en toerisme als commissie ten principale en naar de Commissie buitenlandse zaken, mensenrechten, gemeenschappelijke veiligheid en defensiebeleid en de Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie als medeadviserende commissies (C5‑0062/2003).

De Commissie regionaal beleid, vervoer en toerisme benoemde op haar vergadering van 19 maart 2003 Mark Francis Watts tot rapporteur.

De commissie behandelde het Commissievoorstel en het ontwerpverslag op haar vergaderingen van 12 juni en 8 juli 2003.

Op laatstgenoemde vergadering hechtte zij met 26 stemmen voor en 12 tegen bij 1 onthouding haar goedkeuring aan de ontwerpwetgevingsresolutie.

Bij de stemming waren aanwezig: Rijk van Dam (waarnemend voorzitter), Gilles Savary (ondervoorzitter), Mark Francis Watts (rapporteur), Sylviane H. Ainardi, Rolf Berend, Philip Charles Bradbourn, Felipe Camisón Asensio, Christine de Veyrac, Jan Dhaene, Den Dover (verving Luigi Cocilovo), Jean-Maurice Dehousse (verving Danielle Darras), Alain Esclopé, Giovanni Claudio Fava, Catherine Guy-Quint (verving Garrelt Duin), Georg Jarzembowski, Konstantinos Hatzidakis, Nelly Maes, Emmanouil Mastorakis, Erik Meijer, Bill Miller (verving Ewa Hedkvist Petersen), Enrique Monsonís Domingo, Francesco Musotto, Giorgio Lisi, Francesco Musotto, Peter Pex, Joaquim Piscarreta (verving Dieter-Lebrecht Koch), Samuli Pohjamo, Reinhard Rack, Carlos Ripoll y Martínez de Bedoya, Dana Rosemary Scallon, Agnes Schierhuber (verving Margie Sudre), Ingo Schmitt, Renate Sommer, Dirk Sterckx, Hannes Swoboda (verving John Hume), Joaquim Vairinhos, Ari Vatanen, Herman Vermeer en Brigitte Wenzel-Perillo (verving James Nicholson).

De Commissie buitenlandse zaken, mensenrechten, gemeenschappelijke veiligheid en defensiebeleid en de Commissie industrie, externe handel, onderzoek en energie hebben op 3 juli 2002 en 16 april 2002 besloten geen advies uit te brengen.

Het verslag werd ingediend op 9 juli 2003.


ONTWERPWETGEVINGSRESOLUTIE VAN HET EUROPEES PARLEMENT

over het voorstel voor een besluit van de Raad betreffende de sluiting van de overeenkomst inzake zeevervoer tussen de Europese Gemeenschap en de Volksrepubliek China

(6049/1/2003 - COM(2002) 97 – C5‑0062/2003 – 2002/0048(CNS))

(Raadplegingsprocedure)

Het Europees Parlement,

-   gezien het voorstel voor een besluit van de Raad (COM(2002) 97)(1),

-   gezien de ontwerpovereenkomst inzake zeevervoer tussen de Europese Gemeenschap en de Volksrepubliek China (6049/1/2003 REV 1),

-   gelet op de artikelen 80, lid 2 en 300, lid 2, eerste alinea, van het EG-Verdrag,

-   gelet op artikel 300, lid 3, eerste alinea, van het EG-Verdrag, krachtens hetwelk de Raad het Parlement heeft geraadpleegd (C5-0062/2003),

-   gelet op de artikelen 67 en 97, lid 7 van het Reglement,

-   gezien het verslag van de Commissie regionaal beleid, vervoer en toerisme (A5‑0254/2003),

1.   hecht zijn goedkeuring aan de overeenkomst;

2.   verzoekt zijn Voorzitter zijn standpunt te doen toekomen aan de Raad, de Commissie en aan de regeringen en de parlementen van de lidstaten en van de Volksrepubliek China.

(1)PB C 181E van 30.7.2002, blz. 176.


TOELICHTING

I.   Achtergrond

De Volksrepubliek China is de op twee na grootste handelspartner van de Unie buiten Europa, wat betekent dat de Chinese markt van grote betekenis is voor Europese scheepvaartmaatschappijen.

De afgelopen tien jaren hebben een voortdurende toename te zien gegeven van het zeevervoer tussen de Unie en China. De meeste lidstaten hebben al bilaterale overeenkomsten met China afgesloten maar tot dusverre was er nog geen overeenkomst op EU-niveau van kracht. De Commissie beschouwt dit voorstel als een hoeksteen voor het verder bevorderen van de maritieme betrekkingen op grond van gelijkheid en wederzijds profijt.

II.   De kernelementen van het voorstel

Het voorstel heeft betrekking op verbetering van de omstandigheden van zeevervoersdiensten tussen de beide contractpartijen.

De overeenkomst heeft dan ook betrekking op internationale zeevervoersdiensten en logistieke diensten (waaronder multimodale diensten waarvan een traject over zee deel uitmaakt) tussen de havens van China en van de lidstaten van de Europese Gemeenschap en op internationale zeevervoersdiensten tussen de havens van de lidstaten van de Europese Gemeenschap. De overeenkomst heeft eveneens betrekking op cross trade.

De overeenkomst heeft echter geen betrekking op binnenlands vervoer tussen havens in China en tussen de havens in één lidstaat van de Europese Unie.

Wat betreft toegang tot havens en het gebruik van infrastructuur en ondersteunende maritieme diensten van die havens, waarborgen de contractpartijen een niet-discriminerende behandeling van vaartuigen die onder de vlag van de andere partij varen. Hetzelfde beginsel is van toepassing voor bijbehorende vergoedingen en heffingen en douaneformaliteiten.

De overeenkomst maakt het de contractpartijen mogelijk dochtermaatschappijen, filialen of agentschappen op te richten die geheel eigendom zijn of waarin gezamenlijk is geïnvesteerd en die zich bezighouden met internationaal zeevervoer danwel logistieke diensten leveren. Deze dochtermaatschappijen, filialen of agentschappen hebben eveneens het recht kaderpersoneel aan te stellen, ongeacht hun nationaliteit.

De overeenkomst staat voorts toe dat inkomsten van onderdanen of maatschappijen uit één der contracterende partijen, afkomstig van internationaal zeevervoer en multimodaal vervoer in de andere contracterende partij, worden afgerekend in vrij inwisselbare valuta.

Voorts voorziet de overeenkomst in nauwere maritieme samenwerking tussen instanties, scheepvaartmaatschappijen, havens, onderzoeksinstellingen, enz.

De overeenkomst wordt gesloten voor een periode van vijf jaar en wordt jaarlijks stilzwijgend verlengd. De verlenging is dus niet gebaseerd op een officieel herzieningsproces.

III.   Opmerkingen van de rapporteur

Uw rapporteur beschouwt de voorgestelde overeenkomst als redelijk en evenwichtig. Zij is gebaseerd op de beginselen van de vrijheid om maritieme diensten te leveren en heeft betrekking op alle relevante aspecten daarvan. De overeenkomst vormt een belangrijke stap naar een nauwere samenwerking tussen beide partijen.

De overeenkomst vervangt als het ware de "handels"-bepalingen van de bestaande bilaterale maritieme overeenkomsten tussen de lidstaten en China, terwijl de overige bepalingen van de bilaterale overeenkomsten, waarop de onderhavige overeenkomst geen betrekking heeft, van kracht zullen blijven. Uw rapporteur wil er met instemming op wijzen dat ingeval de onderhavige overeenkomst minder gunstig uitpakt dan de bestaande bilaterale overeenkomsten, de gunstigste voorwaarden gelden.

Indien een Europese scheepvaartmaatschappij van mening is te worden gediscrimineerd, kan zij de kwestie rechtstreeks opnemen met de Commissie of met de autoriteiten van de desbetreffende lidstaat, die de Commissie op de hoogte stellen. In beide gevallen zal de Commissie de zaak aanhangig maken bij de Chinese autoriteiten, zodat de benadeelde onderneming zich niet tot de rechter heeft te wenden.

Uw rapporteur stemt in met deze overeenkomst en stelt geen amendementen voor op het voorstel voor een besluit van de Raad

Laatst bijgewerkt op: 29 augustus 2003Juridische mededeling