Index 
 Vorige 
 Volgende 
 Volledige tekst 
Aangenomen teksten
PDF 213kWORD 25k
Dinsdag 19 november 2013 - Straatsburg Definitieve uitgave
Meerjarig financieel kader 2014-2020 ***
P7_TA(2013)0455A7-0389/2013
Resolutie
 Bijlage
 Bijlage

Wetgevingsresolutie van het Europees Parlement van 19 november 2013 over het ontwerp van verordening van de Raad tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020 (11791/2013 – C7-0238/2013 – 2011/0177(APP)) (Bijzondere wetgevingsprocedure – goedkeuring)

Het Europees Parlement,

–  gezien het voorstel voor een verordening van de Raad (COM(2011)0398 gewijzigd door COM (2012)0388),

–  gezien het ontwerp van verordening van de Raad (11791/2013) en het corrigendum van de Raad van 14 november 2013 (11791/2013 COR1),

–  gezien het verzoek om goedkeuring dat de Raad heeft ingediend krachtens artikel 312 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie en artikel 106 bis van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (C7‑0238/2013),

–  gezien zijn resolutie van 23 oktober 2012 met het oog op het bereiken van een positief resultaat van de goedkeuringsprocedure van het meerjarig financieel kader(1) ,

–  gezien zijn resolutie van 13 maart 2013 over de conclusies van de Europese Raad van 7 en 8 februari 2013 betreffende het meerjarig financieel kader(2) ,

–  gezien zijn resolutie van 3 juli 2013 over het politieke akkoord over het meerjarig financieel kader 2014-2020(3) ,

–  gezien de artikelen 75 en 81, lid 1, van zijn Reglement,

–  gezien de aanbeveling van de Begrotingscommissie en het advies van de Commissie regionale ontwikkeling en de brief van de Commissie vervoer en toerisme (A7‑0389/2013),

1.  hecht zijn goedkeuring aan het ontwerp van verordening van de Raad tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020 zoals weergegeven in de bijlage bij deze resolutie;

2.  hecht zijn goedkeuring aan de gemeenschappelijke verklaringen van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie die als bijlage bij de onderhavige resolutie zijn gevoegd;

3.  neemt kennis van de aan deze resolutie gehechte verklaringen van de Commissie;

4.  verzoekt zijn Voorzitter het standpunt van het Parlement te doen toekomen aan de Raad en aan de Commissie, alsmede aan de nationale parlementen.

(1) Aangenomen teksten, P7_TA(2012)0360.
(2) Aangenomen teksten, P7_TA(2013)0078.
(3) Aangenomen teksten, P7_TA(2013)0304.


Bijlage 1

ONTWERP VAN VERORDENING VAN DE RAAD TOT BEPALING VAN HET MEERJARIG FINANCIEEL KADER VOOR DE JAREN 2014-2020

(De tekst van de bijlage wordt hier niet weergegeven, aangezien deze overeenkomt met de definitieve handeling: Verordening (EU, Euratom) nr. 1311/2013 van de Raad.)


Bijlage 2

VERKLARINGEN

Gemeenschappelijke verklaring over de eigen middelen

1.  Overeenkomstig artikel 311 van het VWEU voorziet de Unie zich van de middelen die nodig zijn om haar doelstellingen te verwezenlijken en uitvoering te geven aan haar beleid; tevens is in dat artikel bepaald dat de begroting, onverminderd andere ontvangsten, volledig uit eigen middelen wordt gefinancierd. Overeenkomstig artikel 311, derde alinea, stelt de Raad, volgens een bijzondere wetgevingsprocedure en na raadpleging van het Europees Parlement, met eenparigheid van stemmen een besluit betreffende het stelsel van eigen middelen vast, en kan de Raad in dat kader nieuwe categorieën van eigen middelen vaststellen, dan wel bestaande categorieën intrekken.

2.  Op die basis heeft de Commissie in juni 2011 een reeks voorstellen ter hervorming van het eigenmiddelenstelsel van de Unie ingediend. Tijdens zijn bijeenkomst van 7 en 8 februari is de Europese Raad overeengekomen dat de algemene doelstellingen van eenvoudigheid, transparantie en billijkheid als leidraad voor de eigenmiddelenregeling moeten dienen. Daarnaast richtte de Europese Raad een verzoek tot de Raad om te blijven werken aan het Commissievoorstel voor een nieuwe bron van eigen middelen op basis van de belasting over de toegevoegde waarde (btw). Tevens verzocht hij de lidstaten die deelnemen aan de nauwere samenwerking inzake de belasting op financiële transacties (bft), te onderzoeken of die belasting de grondslag kan worden voor een nieuwe bron van eigen middelen voor de EU-begroting.

3.  De kwestie van de eigen middelen vergt nader beraad. Daartoe zal een groep op hoog niveau bijeen worden geroepen, bestaande uit leden die door de drie instellingen worden aangewezen. Die zal haar gedachten laten gaan over alle bestaande en eventuele toekomstige bijdragen van de drie instellingen en de nationale parlementen. De groep moet putten uit passende expertise, onder meer van nationale begrotings- en belastingautoriteiten alsmede van onafhankelijke deskundigen.

4.  Deze groep zal het eigenmiddelenstelsel volledig tegen het licht houden, uitgaande van de algemene doelstellingen van eenvoudigheid, transparantie, billijkheid en democratische verantwoordingsplicht. Een eerste evaluatie zal eind 2014 beschikbaar zijn. De vooruitgang bij deze werkzaamheden zal regelmatig - minimaal één keer per half jaar - in vergaderingen op politiek niveau worden geëvalueerd.

5.  De nationale parlementen zullen worden uitgenodigd voor een interinstitutionele conferentie in 2016 die het resultaat van dit werk moet beoordelen.

6.  In het licht daarvan zal de Commissie beoordelen of nieuwe initiatieven voor eigen middelen wenselijk zijn. Deze beoordeling geschiedt parallel aan de in artikel 1 bis van de MFK-verordening vermelde evaluatie met het oog op mogelijke hervormingen voor de periode waarop het volgende meerjarig financieel kader betrekking heeft.

Gezamenlijke verklaring over het effectiever maken van overheidsuitgaven op gebieden die het voorwerp zijn van EU-optreden

Het Europees Parlement, de Raad en de Commissie komen overeen samen te werken om kostenbesparingen en betere synergieën op nationaal en Europees niveau te realiseren teneinde overheidsuitgaven op gebieden die het voorwerp zijn van EU-optreden, effectiever te maken. Daartoe zullen de instellingen naar eigen goeddunken, onder andere, zich laten leiden door beste praktijken, informatie delen en vertrouwen op beschikbaar onafhankelijk oordeel. De resultaten moeten beschikbaar zijn en als grondslag dienen voor het Commissievoorstel voor het volgende meerjarig financieel kader.

Gemeenschappelijke verklaring

Het Europees Parlement, de Raad en de Commissie komen overeen dat in de jaarlijkse begrotings­procedures die worden toegepast voor het MFK 2014-2020, waar passend, genderelementen zullen worden geïntegreerd, rekening houdend met de wijze waarop het algeheel financieel kader van de Unie bijdraagt aan meer gendergelijkheid (en zorgt voor gendermainstreaming).

Gezamenlijke verklaring betreffende artikel 15 van de Verordening van de Raad tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020

De instellingen komen overeen het bedrag dat is vermeld in artikel 15 van de Verordening van de Raad tot bepaling van het meerjarig financieel kader voor de jaren 2014-2020 als volgt te besteden: 2.143 miljoen EUR voor werkgelegenheid voor jongeren, 200 miljoen EUR voor Horizon 2020, 150 miljoen EUR voor Erasmus en 50 miljoen EUR voor Cosme.

Verklaring van de Europese Commissie betreffende verklaringen inzake nationaal beheer

In zijn kwijtingsresolutie van 17 april 2013 heeft het Europees Parlement verzocht een template op te stellen voor verklaringen inzake nationaal beheer die lidstaten op het passende politieke niveau moeten uitgeven. De Commissie is bereid zich op dit verzoek te beraden en het Europees Parlement en de Raad te verzoeken deel te nemen aan een werkgroep die aan het eind van het jaar aanbevelingen moet verstrekken.

Verklaring van de Europese Commissie over evaluatie/herziening

Wat de bepalingen van artikel 1 bis van de MFK-verordening betreft, bevestigt de Commissie, rekening houdend met de uitkomst van de evaluatie, haar voornemen om wetgevingsvoorstellen voor een herziening van de MFK-verordening in te dienen. In dit verband zal zij bijzondere aandacht besteden aan het functioneren van de overkoepelende marge voor betalingen opdat het algemene maximum voor betalingen gedurende de hele periode beschikbaar blijft. Zij zal tevens de evolutie van de overkoepelende marge voor vastleggingen onderzoeken. De Commissie zal voorts rekening houden met de bijzondere vereisten van het Horizon 2020-programma. De Commissie zal verder onderzoeken of ze haar voorstellen voor het volgende MFK gelijk kan doen lopen met de politieke cycli van de instellingen.

Laatst bijgewerkt op: 28 januari 2016Juridische mededeling