Energiebesparing: EU-maatregelen om het energieverbruik te verminderen

Energiebesparing is essentieel om klimaatverandering tegen te gaan en de energieafhankelijkheid van de EU te verminderen. Ontdek wat Europarlementariërs doen om het verbruik te verminderen.

Een grote cirkelvormige elektriciteitscentrale van zonnepanelen in Spanje
Een grote cirkelvormige elektriciteitscentrale van zonnepanelen in Spanje

Energie-efficiëntie betekent minder energie gebruiken om hetzelfde resultaat te bereiken. Het maakt het mogelijk energie te besparen en de uitstoot van energiecentrales te verminderen.


De wetgeving inzake energie-efficiëntie van 2018 is herzien om de EU te helpen bij het behalen van de nieuwe ambitieuze klimaatdoelstellingen in het kader van de Europese Green Deal van 2021. Zij zullen er ook toe bijdragen dat Europa minder afhankelijk wordt van de invoer van fossiele brandstoffen, die grotendeels uit Rusland komen, zoals bepaald in het RepowerEU-plan.


Tegelijkertijd heeft de EU gewerkt aan regels om het gebruik van hernieuwbare energie te vergroten.

Nieuwe doelstellingen inzake energie-efficiëntie


Verbeteringen van de energie-efficiëntie zouden niet alleen de CO2-uitstoot kunnen verminderen, maar ook de jaarlijkse rekening van de EU van 330 miljard euro voor de invoer van energie.

De doelstellingen die het Parlement in juli 2023 heeft aangenomen, voorzien in een collectieve vermindering van het energieverbruik met ten minste 11,7% op EU-niveau tegen 2030 (vergeleken met de voorspellingen van het referentiescenario voor 2020 (Engels)).

De EU-landen moeten gemiddeld 1,5% per jaar besparen. De energiebesparing moet beginnen met 1,3% per jaar tot eind 2025 en geleidelijk oplopen tot 1,9% tegen eind 2030.

Om deze doelen te bereiken, zullen lokale, regionale en nationale maatregelen verschillende sectoren dekken: openbaar bestuur, gebouwen, bedrijven, datacenters, etc. Europarlementariërs drongen aan op specifieke, haalbare doelstellingen:

  • De publieke sector moet zijn eindverbruik van energie elk jaar met 1,9% verminderen.
  • EU-landen moeten ervoor zorgen dat elk jaar ten minste 3% van de openbare gebouwen worden gerenoveerd tot bijna-energieneutrale of emissieloze gebouwen.
  • Er zijn nieuwe eisen voor efficiënte stadsverwarmingssystemen


Een robuust controle- en handhavingsmechanisme zal ervoor zorgen dat de EU-landen hun doelstellingen halen.

Vermindering van het energieverbruik van gebouwen


Gebouwen in de EU zijn verantwoordelijk voor 40% van het energieverbruik en 36% van de uitstoot van broeikasgassen.

Eén belangrijk gebied voor de verbetering is de verwarming en koeling van gebouwen en huishoudelijk warm water, die 80% van al het energieverbruik van huishoudens.

In maart 2024 keurde het Parlement een update goed van de regels voor de energieprestaties van gebouwen, die gericht zijn op het creëren van een klimaatneutrale bouwsector tegen 2050.

Alle nieuwe gebouwen zouden vanaf 2030 een uitstoot van nul moeten produceren; vanaf 2028 zou dat het geval moeten zijn voor nieuwe gebouwen die in gebruik zijn bij of eigendom zijn van de overheid.

EU-landen zullen het gemiddelde jaarlijkse verbruik in hun gebouwensector tegen 2030 met minstens 16% moeten verminderen en tegen 2035 met 20% tot 22%.

De regels bepalen ook dat stand-alone boilers die gebruik maken van fossiele brandstoffen vanaf 2025 niet meer gesubsidieerd kunnen worden. Hybride systemen die een ketel combineren met een andere milieuvriendelijkere oplossing, zoals een zonne-installatie of een warmtepomp, kunnen echter nog wel financiële steun krijgen. Alle verwarming en koeling op basis van fossiele brandstoffen moet tegen 2040 verdwenen zijn.

Gebouwen renoveren in de EU


De EU-landen moeten tegen 2030 de 16% slechtst presterende niet-residentiële gebouwen renoveren en tegen 2033 de 26% slechtst presterende niet-residentiële gebouwen.

Het energieprestatiecertificaat van gebouwen zou maximaal 10 jaar geldig moeten zijn. Gebouwen met een certificaat onder niveau C moeten worden uitgenodigd voor renovatieadvies.

Het certificaat moet ook aanbevelingen bevatten voor de kosteneffectieve verbetering van de energieprestaties en de vermindering van de operationele uitstoot van broeikasgassen en voor de verbetering van de kwaliteit van het binnenmilieu van een gebouw of gebouwdeel.


Gebouwen zullen hun eigen zonne-energie produceren


De nieuwe regels voor de energieprestaties van gebouwen stimuleren de geleidelijke invoering van zonne-installaties in openbare en niet-residentiële gebouwen, waar het technisch en economisch mogelijk is. Tegen 2030 moeten alle nieuwe woongebouwen zonne-installaties hebben.

In november 2023 is een vernieuwde versie van de richtlijn hernieuwbare energie in werking getreden die EU-landen verplicht om ervoor te zorgen dat vergunningen voor de installatie van zonne-energie-installaties op gebouwen binnen een maand worden afgeleverd.



Maatregelen om de energiefactuur te verlagen


Gebouwen die niet energie-efficiënt zijn, zijn vaak gekoppeld aan energiearmoede en sociale problemen. Kwetsbare huishoudens geven verhoudingsgewijs meer uit aan energie en staan dus bloot aan stijgende prijzen. Renovaties kunnen helpen om de energierekening te verlagen en mensen uit de energiearmoede te halen, maar aangezien bouwwerkzaamheden duur zijn, wil het Parlement ervoor zorgen dat de impact van die kosten voor kwetsbare huishoudens beperkt blijft.

Renovaties kunnen helpen bij het verlagen van de energierekening en mensen uit de energiearmoede te halen. Aangezien bouwwerkzaamheden duur zijn, wil het Parlement ervoor zorgen dat de impact van die kosten voor kwetsbare huishoudens beperkt blijft. Volgens de nieuwe regels voor de energieprestaties van gebouwen moeten landen via hun nationale renovatieplannen toegang bieden tot financiering voor kwetsbare huishoudens.

Verschillende initiatieven moeten deze maatregelen ondersteunen, waaronder het Sociaal Klimaatfonds, het RePowerEU-plan (Engels), dat de EU moet helpen haar afhankelijkheid van Russische fossiele brandstoffen te verminderen, en het nieuwe platform voor strategische technologieën voor Europa (STEP) dat schone technologieën moet ondersteunen.



Vrijgestelde gebouwen


EU-landen kunnen specifieke soorten gebouwen uitsluiten van het toepassingsgebied van de energieprestatieregels:

  • gebouwen die beschermd zijn vanwege hun bijzondere architectonische of historische waarde
  • agrarische en technische gebouwen
  • kerken
  • tijdelijke gebouwen
  • gebouwen die eigendom zijn van de strijdkrachten of de centrale overheid en die dienen voor de nationale defensie

Financiering van nationale inspanningen om energieafhankelijkheid tegen te gaan


In februari 2023 is de RePowerEU-wetgeving in werking getreden. De wetgeving vereist dat landen die extra middelen ontvangen via vernieuwde herstel- en weerbaarheidsplannen, maatregelen bevatten om energie te besparen, schone energie te produceren en de voorziening te diversifiëren.

Deze nationale herstelplannen moeten de onafhankelijkheid van Russische fossiele brandstoffen en de groene transitie ondersteunen. Andere maatregelen zouden aanmoedigen:

  • investeringen om energiearmoede bij kwetsbare huishoudens, kmo's (kleine en of middelgrote ondernemeningen) of mkb's (midden en-kleinbedrijf) en micro-ondernemingen aan te pakken
  • meer middelen van de lidstaten voor grensoverschrijdende en projecten in meerdere landen op energiegebied
  • Dit voorlopige akkoord moet nog formeel door het Parlement en de Raad worden goedgekeurd om in werking te treden

Energie-efficiëntie van huishoudelijke apparaten


In 2017 heeft het Parlement deenergielabels voor huishoudelijke apparaten, zoals lampen, televisies en stofzuigers, vereenvoudigd om het voor consumenten gemakkelijker te maken hun energie-efficiëntie te vergelijken.

Herziening van de richtlijn energie-efficiëntie

Herziening van de richtlijn betreffende de energieprestaties van gebouwen