Inleiding

De delegaties

De delegaties van het Europees Parlement zijn officiële groepen van Europarlementariërs die de betrekkingen met de parlementen van niet-EU-landen, regio's of organisaties onderhouden.

Tijdens regelmatige bijeenkomsten in Brussel en Straatsburg bespreken de leden van de delegaties de situatie in hun partnerlanden en de banden tussen de partners en de EU. De delegaties nodigen deskundigen uit die buiten het Europees Parlement werken, bv. in ambassades of universiteiten, of in de diplomatieke dienst van de EU, om lezingen te geven en van gedachten te wisselen met de leden.

De delegaties nodigen vaak gasten uit wier stem anders mogelijk niet zou worden gehoord, zoals leden van de politieke oppositie of mensen uit het maatschappelijk middenveld. Hun uiteenzettingen tijdens korte vergaderingen, die soms maar een uur duren, bieden de leden een beter inzicht.

De delegaties organiseren ook interparlementaire bijeenkomsten waar zij kwesties rechtstreeks kunnen bespreken met de gekozen vertegenwoordigers uit de betrokken landen.

Deze bijeenkomsten vinden een of twee keer per jaar plaats en duren enkele uren of dagen. Zij vinden plaats op alternerende locaties: voor de ene vergadering reizen de Europarlementariërs buiten de EU, naar het andere parlement, en voor de volgende vergadering verwelkomen zij hun gasten in het Europees Parlement.

Wanneer de leden buiten de EU reizen voor deze bijeenkomsten, proberen zij ook ontmoetingen met mensen buiten het parlement te organiseren en door de EU gefinancierde projecten te bezoeken.

De vaste delegaties

Het Europees Parlement telt momenteel 44 vaste - permanente - delegaties. Tijdens de volgende zittingsperiode, die in 2019 begint, kan dit aantal veranderen. Het Parlement kan tijdens de zittingsperiode ook besluiten ad-hocdelegaties op te richten die zich met een welbepaald gebied bezighouden.

Net na de vorige verkiezingen heeft het Parlement een resolutie aangenomen "over het aantal leden van de interparlementaire delegaties". Deze resolutie bevat een overzicht van de delegaties voor de lopende zittingsperiode, en het aantal leden van elke delegatie.

De bevoegdheidsverdeling en de omvang van de delegaties kunnen van de ene tot de andere zittingsperiode sterk verschillen. Zo was er tijdens de vorige zittingsperiode (2009-2014) een enkele delegatie voor Albanië, Bosnië en Herzegovina, Servië, Montenegro en Kosovo. Sinds midden 2014 zijn er echter vier aparte delegaties voor deze landen.

Samenstelling

De delegaties die deelnemen aan "parlementaire vergaderingen" waar verschillende parlementen samenkomen, zijn meestal de grootste.

Zo telt de delegatie van het Europees Parlement in het halfjaarlijkse forum dat alle parlementen van de landen in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan (ACS) samenbrengt, 78 leden. Wanneer deze leden naar de parlementaire vergadering reizen, ontmoeten zij er 78 parlementsleden, één uit elk van de 78 landen van de ACS-groep.

Het is echter niet gebruikelijk dat een delegatie zo groot is: de meeste delegaties van het Parlement tellen niet meer dan 15 leden, en de kleinste delegaties tellen slechts 8 leden.

Ongeacht hun aantal leden hebben alle delegaties dezelfde structuur: zij hebben een voorzitter en twee ondervoorzitters, die door de delegatie worden verkozen. Alle leden van de delegatie worden aangewezen door de fracties van het Parlement, waarbij de samenstelling van de delegatie het algemene politieke evenwicht in het Parlement weerspiegelt.

Iedere Europarlementariër is lid van een delegatie; sommige zijn lid van meer dan een delegatie.

Regels

De delegaties moeten zich aan strikte regels houden, die zijn vastgelegd in een officieel document met de titel "uitvoeringsbepalingen inzake de werkzaamheden van delegaties en werkbezoeken buiten de Europese Unie".

Hierin wordt de algemene doelstelling van de delegaties uiteengezet: "handhaving en uitbreiding van de contacten met parlementen van landen die traditiegetrouw partners van de Europese Unie zijn [...] en [...] bevordering [...] van de waarden die aan de Europese Unie ten grondslag liggen"

In dit document wordt ook bepaald dat de delegaties van het Parlement met de commissies van het Parlement moeten samenwerken en dat hun werkzaamheden de standpunten en meningen van het Parlement moeten vertegenwoordigen.

Om de kosten te drukken, wordt het aantal reizen van leden buiten de EU strikt gecontroleerd, en moet voor elke reis vooraf toestemming worden verleend.

De EP-delegaties werken samen met de hele wereld © European Parliament

Presentatie en bevoegdheden

Delegaties onderhouden en ontwikkelen internationale contacten van het Parlement en dragen bij aan de versterking van de rol en de zichtbaarheid van de Europese Unie in de wereld.

De werkzaamheden van de delegaties zijn dan ook gericht op handhaving en uitbreiding van de contacten met parlementen van landen die traditiegetrouw partners van de Europese Unie zijn, enerzijds, en anderzijds bijdragen tot de bevordering in derde landen van de waarden die aan de Europese Unie ten grondslag liggen, te weten de beginselen van vrijheid, democratie, eerbiediging van de mensenrechten en fundamentele vrijheden, en de rechtsstaat (artikel 6 EU-Verdrag).

Op de internationale contacten van het Parlement zijn de beginselen van het internationaal publiekrecht van toepassing.

De internationale contacten van het Parlement zijn gericht op de bevordering, waar mogelijk en van toepassing, van de parlementaire dimensie van internationale betrekkingen.

(Artikel 3, beginselen die van toepassing zijn op de werkzaamheden van de delegaties, Besluit van de Conferentie van voorzitters van 29 oktober 2015)

Soorten delegaties

Alle delegaties van het Europees Parlement onderhouden contacten met parlementsleden in andere landen, regio's en organisaties. Hoe en wanneer zij bijeenkomen hangt echter af van het soort delegatie.

Parlementaire vergaderingen

Bepaalde delegaties nemen deel aan "parlementaire vergaderingen" - regelmatige, formele bijeenkomsten waar gekozen vertegenwoordigers van verschillende parlementen samenkomen. De delegatie van het Europees Parlement is op deze bijeenkomsten slechts een van de vele delegaties.

In de meeste gevallen is de delegatie van het Europees Parlement de grootste delegatie in de vergadering en maken de Europarlementariërs ongeveer de helft van het totale aantal vertegenwoordigers uit. In een paar gevallen vormen de vertegenwoordigers van het Europees Parlement een minderheid van het totale aantal vertegenwoordigers.

Momenteel nemen 5 van de 44 delegaties van het Europees Parlement deel aan parlementaire vergaderingen. Het gaat onder meer om de Delegatie voor de betrekkingen met de Parlementaire Vergadering van de NAVO (afgekort tot DNAT) en de Delegatie in de Euro-Latijns-Amerikaanse Parlementaire Vergadering (DLAT).

Interparlementaire commissies

De delegaties van het Europees Parlement in parlementaire commissies of comités ontmoeten hun tegenhangers tijdens regelmatige formele bijeenkomsten. De meeste van deze interparlementaire commissies en comités zijn bilateraal: naast het Europees Parlement tellen zijn slechts een andere delegatie, meestal van een enkel land.

Afhankelijk van een aantal factoren worden deze organen "Parlementair Associatiecomité", "Parlementaire Samenwerkingscommissie", "Gemengde Parlementaire Commissie" of "Stabilisatie- en Associatiecomité" genoemd.

Al deze commissies en comités zijn opgericht bij bilaterale overeenkomsten tussen de EU en het partnerland. Bij de bijeenkomsten geldt een strikt intern reglement.

Het Europees Parlement heeft momenteel 15 delegaties die aan 23 parlementaire commissies of comités deelnemen. Het gaat onder meer om de Delegatie in de Gemengde Parlementaire Commissie EU-Mexico (D-MX) en de Delegatie in het Parlementair Associatiecomité EU-Oekraïne (D-UA).

Andere interparlementaire delegaties

De meeste delegaties van het Europees Parlement zijn delegaties "voor de betrekkingen met" een ander land, of soms een groep landen.

Deze delegaties ontmoeten hun medewetgevers in gewone "interparlementaire bijeenkomsten". Hoe vaak deze bijeenkomsten plaatsvinden hangt af van het vergaderrooster en de beschikbaarheid van beide partners. Er bestaat geen specifiek reglement voor deze bijeenkomsten, maar zij vallen wel onder de algemene bepalingen inzake de werkzaamheden van de delegaties die door het Europees Parlement zijn vastgesteld.

De meeste delegaties van het Europees Parlement - 25 op een totaal van 44 - behoren tot de categorie van de interparlementaire delegaties. Twee voorbeelden zijn de Delegatie voor de betrekkingen met Japan (D-JP) en de Delegatie voor de betrekkingen met Canada (D-CA).

Conferentie van delegatievoorzitters

De Conferentie van delegatievoorzitters is het politieke orgaan binnen het Europees Parlement dat de werkzaamheden van de 44 vaste delegaties van het Parlement coördineert.

De Conferentie zorgt ervoor dat de delegaties efficiënt en in coördinatie met de andere structuren binnen het Parlement werken. Tijdens regelmatige vergaderingen wordt van gedachten gewisseld over vraagstukken en problemen die de delegaties gemeen hebben.

Samenstelling en voorzitterschap

De Conferentie bestaat uit de voorzitters van de 44 delegaties van het Parlement en de 3 commissies die bevoegd zijn voor internationale betrekkingen.

Een van de 44 delegatievoorzitters wordt verkozen tot voorzitter van de Conferentie. De ambtstermijn van de voorzitter duurt tweeënhalf jaar, de helft van de vijfjarige zittingsperiode van het Europees Parlement.

Momenteel is Inés Ayala Sender voorzitter van de Conferentie van delegatievoorzitters. Haar ambtstermijn loopt af aan het einde van de achtste zittingsperiode van het Parlement in 2019.

Mevrouw Ayala Sender is een Spaans lid van de Fractie van de Progressieve Alliantie van Socialisten en Democraten in het Europees Parlement. Zij is tevens voorzitter van de Delegatie voor de betrekkingen met de Maghreblanden en de Unie van de Arabische Maghreb en lid van de Delegatie in de Parlementaire Vergadering van de Unie voor het Middellandse Zeegebied.

Vergaderrooster

De vergaderingen van de Conferentie van delegatievoorzitters vinden meestal plaats op dinsdag tijdens de vergaderperiodes in Straatsburg. Dit houdt in dat er 12 vergaderingen per jaar zijn.

Twee keer per jaar stelt de Conferentie het vergaderrooster van de delegaties voor de volgende zes maanden vast. Het ontwerpvergaderrooster wordt voorgelegd aan de Commissie buitenlandse zaken, de Commissie internationale handel en de Commissie ontwikkelingssamenwerking. Vervolgens wordt het rooster voorgelegd aan de Conferentie van voorzitters, het orgaan van het Europees Parlement dat bestaat uit de voorzitter van het Parlement en de voorzitters van de fracties.

De Conferentie van voorzitters is verantwoordelijk voor de goedkeuring van het vergaderrooster van de delegaties.

Aanbevelingen aan en van andere politieke organen

De Conferentie van delegatievoorzitters legt soms ook voorstellen met betrekking tot de werkzaamheden van de delegaties voor aan de Conferentie van voorzitters.

Anderzijds kunnen de Conferentie van voorzitters en het Bureau van het Europees Parlement - nog een politiek orgaan dat bestaat uit de voorzitter en ondervoorzitters van het Parlement - ook specifieke taken overdragen aan de Conferentie van delegatievoorzitters.

Samenwerking tussen delegaties onderling en tussen delegaties en commissies

Door de vaststelling van een gemeenschappelijke aanpak en richtsnoeren voor de werkzaamheden van de delegaties, wil de Conferentie van delegatievoorzitters beste praktijken bevorderen.

De Conferentie werkt ook samen met de Conferentie van commissievoorzitters, een parallel politiek orgaan dat de werkzaamheden van de parlementaire commissies coördineert.

Dit bevordert de coördinatie tussen de commissies en de delegaties van het Parlement.

Deze coördinatie versterkt de controle van het Europees Parlement op de buitenlandse betrekkingen van de EU.

Regelgevingskader

De Conferentie van delegatievoorzitters wordt omschreven in het Reglement van het Parlement.

In de huidige versie gaat het om de volgende vier bepalingen van artikel 30:

1. De Conferentie van delegatievoorzitters bestaat uit de voorzitters van alle vaste interparlementaire delegaties. Zij kiest haar voorzitter.

2. Bij afwezigheid van de voorzitter wordt de vergadering van de Conferentie voorgezeten door het oudste lid.

3. De Conferentie van delegatievoorzitters kan de Conferentie van voorzitters aanbevelingen doen inzake delegatiewerkzaamheden.

4. Het Bureau en de Conferentie van voorzitters kunnen bepaalde taken overdragen aan de Conferentie van delegatievoorzitters.