Europees Parlement
in actie
Blikvangers 1999-2004

 
Het Europees Parlement
Hervorming van de EU
Uitbreiding
Rechten van de burger
Justitie en Binnenlandse Zaken
Asiel
Immigratie
Bestrijding van de georganiseerde misdaad
Strijd tegen het terrorisme
Externe betrekkingen
Milieu / Consumenten-
bescherming
Vervoer / Regionaal beleid
Landbouw / Visserij
Economisch
en monetair beleid
Sociaal- en werkgelegenheidsbeleid /
Rechten van de Vrouw
Interne markt / Industrie / Energie / Onderzoek
 

EPP-ED PSE Group ELDR GUE/NGL The Greens| European Free Alliance UEN EDD/PDE


Met vereende krachten tegen de georganiseerde misdaad

Door het wegvallen van de grenzen in de Europese Unie komen de handel en industrie en de bewegingsvrijheid van de burgers goed op gang. Met alle macht moet echter een halt worden toegeroepen aan de georganiseerde criminaliteit die op haar manier van de openheid in de gehele EU wil profiteren: criminele bendes hebben daarmee namelijk nieuwe wegen voor hun illegale activiteiten ontdekt, bijvoorbeeld nieuwe manieren om geld wit te wassen, voor de handel in organen en ook voor het ontlopen van hun gerechte straf. Op deze punten gaat de nu bestaande vrijheid voor de EU echter veel te ver.

Hulpmiddelen van beslissend belang in de strijd tegen het witwassen van geld zijn twee EU-wetten. Een ervan, die reeds omgezet is, moet misbruik van de financiële sector tegengaan terwijl de tweede de samenwerking van de douaneautoriteiten moet bevorderen om zo illegale financiële transacties te voorkomen.

Om het financiële stelsel tegen illegale transacties te beschermen heeft de EU een sinds 1999 bestaande antiwitwasrichtlijn op een aantal belangrijke punten verscherpt: de nieuwe kaderwet is nu niet alleen meer gericht tegen het witwassen van geld in verband met drugshandel, maar tegen alle soorten witwaspraktijken, bijvoorbeeld ook als hiermee terrorisme gefinancierd wordt. Anders dan bij de oude regeling moet bij de nieuwe richtlijn een veel grotere groep personen, zoals makelaars in onroerend goed, notarissen of handelaren in luxegoederen, zich verantwoorden als hun klanten ervan worden verdacht met hun transacties besmet geld wit te wassen. Het staat deze zakenlieden vrij hun klanten op de hoogte te brengen als zij informatie over hen doorgeven aan autoriteiten - daarover werd in de bemiddelingsprocedure overeenstemming bereikt.

Wat de controversiële kwestie van de eerbiediging van het beroepsgeheim van advocaten betreft waren de leden van het Europees Parlement verheugd over het eveneens in de bemiddelingsprocedure bereikte akkoord: het beroepsgeheim van juristen blijft bestaan tenzij het hun duidelijk is dat hun advies voor witwastransacties zal worden misbruikt.

Besmet geld al bij de douane onderscheppen

Er is nog een andere wet tegen het witwassen van geld, die nauw verband houdt met deze reeds geldende schoon-geld-richtlijn. Het gaat hier om het ontwerp voor een verdergaande antiwitwaswet die de richtlijn moet completeren door te zorgen voor een intensievere samenwerking van de douaneautoriteiten aan de buitengrenzen van de EU. Alleen met een beter inzicht in het financiële stelsel laat zich immers niet verhinderen dat dagelijks grote sommen geld en talloze waardevolle voorwerpen van onduidelijke herkomst de EU in en uit worden gebracht. Het oorspronkelijke kaderwetsontwerp van de Europese Commissie voorziet in de bepaling dat degene die het EU-douanegebied betreedt of de Unie verlaat schriftelijk moet melden of hij 15.000 euro aan contant geld of meer bij zich heeft.

Voor de leden van het Europees Parlement is dit echter niet genoeg: zij argumenteren dat een meldingsplicht niet volstaat, want de mogelijkheid blijft immers bestaan geen verklaring af te leggen, deze te vervalsen of een hoeveelheid geld in kleinere bedragen te verdelen en deze dan de grens over te brengen. Zij willen striktere regels in het ontwerp en willen de lidstaten van de EU voortaan de mogelijkheid geven in plaats van de meldingsplicht een aangifteprocedure in te voeren, dus een melding op aanvraag. Op verzoek van de douanebeambten moeten bij deze alternatieve procedure contante bedragen van 15.000 euro of meer worden aangegeven, waarbij de reiziger onder meer duidelijkheid moet verschaffen over herkomst en gebruiksdoel van het geld. Voor de Europese afgevaardigden impliceert de aan de lidstaten geboden mogelijkheid om voor een van beide procedures te kiezen, dat voor wetgeving per richtlijn, en niet per verordening wordt gekozen.

Bovendien bepleiten de parlementsleden dat geconfisqueerde bedragen principieel slechts maximaal drie werkdagen mogen worden vastgehouden - waar dit op grond van de nationale wetgeving is toegestaan, moeten de EU-landen de mogelijkheid hebben deze termijn tot een maand te verlengen; dit echter slechts eenmaal. De informatie van de douaneautoriteiten zou in een databank bij de Europese politieorganisatie Europol moeten worden opgeslagen en mag dan uitsluitend in de strijd tegen het witwassen van geld worden gebruikt.

Bovendien heeft de EU de lidstaten door middel van een besluit van de Raad verzocht om verbetering van de onderlinge uitwisseling van informatie tussen de centrale financiële inlichtingeneenheden van de EU-landen die zich bezighouden met de controle op verdachte of opvallende financiële transacties. Wanneer een verdenking gegrond blijkt dat geld uit criminele transacties moet worden witgewassen, moeten de inlichtingeneenheden sneller kunnen ingrijpen.

Een einde aan de handel in organen en weefsel

De handel in menselijke weefsel en organen is een vorm van mensenhandel. En voor criminele organisaties is het een lucratieve inkomstenbron waarbij grenzen geen hindernis vormen. De EU heeft vastberaden de strijd aangebonden tegen deze ernstige inbreuk op mensenrechten en menselijke waardigheid. In een gepland kaderbesluit moeten de EU-staten ertoe worden verplicht delicten in verband met de handel in organen en weefsel strafbaar te stellen. Daartoe behoort niet alleen het verwijderen en verkopen van lichaamsdelen maar ook medeplichtigheid bij vervoer, import, export en het bewaren.

Onwettig wordt de orgaan- en weefseltransplantatie op het moment waarop professionele handelaars bij personen druk of zelfs dwang gebruiken om ze ertoe te brengen bijvoorbeeld een nier af te staan en daarbij te profiteren van de economische noodsituatie van hun slachtoffers door voor het orgaan een aantrekkelijke prijs te bieden, door deze mensen te chanteren of bij een overledene lichaamsdelen te verwijderen zonder dat deze persoon bij leven toestemming voor orgaandonatie zou hebben gegeven.

Het Europees Parlement heeft zijn standpunt met een onomwonden ja tegen het ontwerp voor een kaderbesluit tegen orgaan- en weefselhandel ondubbelzinnig duidelijk gemaakt. Maar toch hebben de parlementsleden, ondanks hun instemming, om enkele wezenlijke veranderingen gevraagd. Zo vragen ze om een duidelijke verplichting dat gewezen wordt op het risico dat de criminele handel in organen voor de volksgezondheid vormt: de persoon bij wie bijvoorbeeld onder psychische of economische druk of zelfs onder dreiging met geweld organen en weefsel wordt weggenomen zal geen eerlijke informatie over eventuele ziekten geven, zo argumenteren de parlementsleden. Degene die zulke lichaamsdelen krijgt geïmplanteerd loopt zo een enorm gezondheidsrisico of kan eventueel zelfs sterven.

Om de transplantatie van organen en weefsels als zodanig niet te stigmatiseren staan de leden van het Europees Parlement erop dat in het voorgenomen kaderbesluit steeds gesproken wordt over illegale handel in organen en weefsel: het verschil met het rechtmatige transplantatiesysteem moet immers duidelijk zijn. Illegale handel wordt echter voor maffia-achtige organisaties pas onrendabel wanneer voldoende organen en weefsels op legale wijze ter beschikking kunnen worden gesteld. Daarom willen de parlementsleden de bereidheid van de burgers vergroten om na hun dood organen beschikbaar te stellen. Om dat te bereiken, dringen ze erop aan dat in de gehele EU informatiecampagnes over dit onderwerp worden gevoerd. De leden van het Parlement willen dat de landen van de EU het geplande besluit, waarover de Raad nog het laatste woord moet spreken, uiterlijk eind 2004 met passende nationale regelingen aanvullen.

Het Europees arrestatiebevel: sneller en simpeler

Of het nu gaat om geldwitwassers, handelaars in mensen en organen of terroristen: het Europees arrestatiebevel, dat sinds begin 2004 kan worden uitgevaardigd, moet de uitlevering van verdachten of personen die strafbare feiten hebben begaan van het ene EU-land aan een ander vereenvoudig en bespoedigen. Terwijl er vroeger vaak jarenlange vertragingen ontstonden, omdat de individuele EU-landen de beslissingen van hun justitiële autoriteiten onderling vaak niet erkenden en de uitleveringsprocedures even langdurig als complex waren, is de gang van zaken nu voor de gehele EU uniform.

Sedert de inwerkingtreding van het EU-kaderbesluit geldt het arrestatiebevel voor plegers van strafbare feiten die rechtsgeldig tot minstens vier maanden gevangenisstraf zijn veroordeeld, en bij de verdenking van een strafbaar feit waarop meer dan een jaar gevangenisstraf staat. Er worden 32 strafbare feiten opgesomd die onder het Europees arrestatiebevel vallen, waaronder terrorisme en mensenhandel, het gijzelen van mensen en gewapende roof, verkrachting en vreemdelingenhaat. De justitiële autoriteiten van alle EU-staten zijn ertoe verplicht het Europees arrestatiebevel van een andere EU-lidstaat met slechts een minimum aan controles te erkennen en de gezochte na zijn inhechtenisneming uit te leveren - en wel na uiterlijk negentig dagen.

Op 1 januari 2004 hadden België, Denemarken, Ierland, Finland, Portugal, Zweden, Spanje en het Verenigd Koninkrijk dit kaderbesluit omgezet in nationale wetgeving, van de nieuwe lidstaten tot dusverre alleen Hongarije. Als streefdatum voor de nieuwe lidstaten geldt toetredingsdatum 1 mei 2004.



  
Rapporteurs:
  
Voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld: Klaus-Heiner Lehne (EPP-ED, D)
Uitwisseling van gegevens tussen de financiële inlichtingeneenheden van de lidstaten: Klaus-Heiner Lehne (EPP-ED, D)
Voorkoming van het witwassen van geld door douanesamenwerking: Ingo Schmitt (EPP-ED, D)
Voorkoming en bestrijding van de handel in menselijke organen en weefsel: Robert J.E. Evans (PES, UK)
Europees arrestatiebevel en de procedures van overlevering tussen de lidstaten: Graham R. Watson (ELDR, UK)
  
Overzicht van de wetgevingsprocedure:
  
Voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld
Uitwisseling van gegevens tussen de financiële inlichtingeneenheden van de lidstaten
Voorkoming van het witwassen van geld door douanesamenwerking
Voorkoming en bestrijding van de handel in menselijke organen en weefsel
Europees arrestatiebevel en de procedures van overlevering tussen de lidstaten
  
Publicatieblad - Besluiten
  
Voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld
Uitwisseling van gegevens tussen de financiële inlichtingeneenheden van de lidstaten
Voorkoming van het witwassen van geld door douanesamenwerking - Procedure nog niet afgesloten
Voorkoming en bestrijding van de handel in menselijke organen en weefsel - Procedure nog niet afgesloten
Europees arrestatiebevel en de procedures van overlevering tussen de lidstaten

 

 

 
  Publishing deadline: 2 April 2004